Blodgett BSB-45 Bedienungsanleitung

Stöbern Sie online oder laden Sie Bedienungsanleitung nach Nein Blodgett BSB-45 herunter. een lied voor elk seizoen a song for each season Benutzerhandbuch

  • Herunterladen
  • Zu meinen Handbüchern hinzufügen
  • Drucken
  • Seite
    / 657
  • Inhaltsverzeichnis
  • LESEZEICHEN
  • Bewertet. / 5. Basierend auf Kundenbewertungen
Seitenansicht 0
EEN LIED VOOR ELK SEIZOEN
DE CARMINA BURANA IN BEELD - DEEL I
A SONG FOR EACH SEASON
PICTURING THE CARMINA BURANA
(with a summary in English)
Proefschrift
ter verkrijging van de graad van doctor aan de Universiteit Utrecht op gezag van de rector magnificus,
prof.dr. G.J. van der Zwaan, ingevolge het besluit van het college voor promoties in het openbaar te
verdedigen op vrijdag 27 mei 2011 des middags te 14.30 uur
door
Cornelia Johanna Maria Couwenberg
geboren op 20 april 1955 te Waalwijk
Seitenansicht 0
1 2 3 4 5 6 ... 656 657

Inhaltsverzeichnis

Seite 1 - SONG FOR EACH SEASON

EEN LIED VOOR ELK SEIZOEN DE CARMINA BURANA IN BEELD - DEEL I A SONG FOR EACH SEASON PICTURING THE CARMINA BURANA (with a summary in English)

Seite 3 - Voor mijn ouders

100 De Duitse verzameling begint bijna aan het einde van katern fol. 50-56, op fol. 56r en vult de katernen fol. 57-64 en fol. 65-72 volledig. Aan he

Seite 4

101 De relatie tussen de afbeeldingen en de tekstgroepen De Codex Buranus wordt gedecoreerd door acht miniaturen, die als illustraties tussen de teks

Seite 6

103 HOOFDSTUK DRIE-1 DE AFDELING MET MOREEL-SATIRISCHE TEKSTEN - FORTUNA EN DIDO Binnen de eerste afdeling, met gedichten van morele en tijdkritisc

Seite 7 - OORD VOORAF

104 In een latere fase van het schrijfproces zijn door h2 nog twee Fortuna-gedichten toegevoegd, in de ondermarge van respectievelijk fol. 48v en fol

Seite 8

105 plaatsen, heeft de tekenaar de bovenmarge grotendeels benut (die oorspronkelijk groter was), en voor de ongelukkige die onder het rad wordt geple

Seite 9 - NLEIDING

106 De oorspronkelijke Fortuna-groep: CB 14 en 15, Versus CB 18 CB 14: O varium Fortune lubricum O veranderlijke bedrieglijkheid van Fortuna! In

Seite 10

107 humiliabitur cras misere. Wat baatte het Darius dat hij koning was? Wat heeft Rome Pompeius gebracht? Beiden kwamen door het zwaard om. Het is v

Seite 11 - OOFDSTUK EEN

108 IV.Quos vult sors ditat et quos vult sub pede tritat Het lot maakt rijk wie hij wil en vertrapt onder zijn voeten wie hij wil Aan de laatste sp

Seite 12

109 Op Fortuna’s troon zat ik hoog verheven, gekroond met de bonte bloemen van de voorspoed. Hoezeer ik ook bloeide in geluk en zegen, nu ben ik v

Seite 13

11 HOOFDSTUK EEN STATUS QUAESTIONIS - STAND VAN HET ONDERZOEK Tot de kostbaarste schatten van de Bayerische Staatsbibliothek in München behoort een

Seite 14

110 onderlinge afhankelijkheid aan te nemen is. De afbeelding is geen rechtstreekse illustratie van de liedtekst en de strofe is geen direct ‘bijschr

Seite 15

111 een allegorie geworden van het aardse bestaan, het menselijke streven naar geluk en najagen van fortuin. Relatie tussen teksten en afbeelding E

Seite 16

112 Overlevering en herkomst De twee liederen CB 14 en CB 15 zijn elk in vijf handschriften overgeleverd. Daaronder bevinden zich meerdere boeken met

Seite 17

113 Relatie met andere delen van de verzameling Fortuna en de wereld: CB 24 Lehtonen wees op de formele relatie tussen de Fortuna-klacht CB 17 en he

Seite 18

114 In tal van middeleeuwse Troje-gedichten speelt Hecuba een rol, zoals in het het lange metrische gedicht CB 101, een verhalende klacht over de val

Seite 19

115 et in altis sedibus sedere laureatum Zolang Fortuna wilde dat ik gelukkig leefde, maakte zij mij welbemind om mijn voorkomen (en) goede maniere

Seite 20

116 geen hemd meer aan zijn lijf heeft: nunc per ludum dorsum nudum fero tui sceleris. Ook de oproep tot de metgezellen om samen met de onfortuinlijk

Seite 21

117 3aNunc clamat: O Fortuna quid fecisti pessima Vestitum cito nudasti et divitem egeno coequasti Nu roept hij uit: O Fortuna, jij kwaadaardige, wat

Seite 22

118 De liefdesklacht van Dido: Eia dolor! De Dido-miniatuur (afb. 2) is geplaatst op fol. 77v bovenaan en beslaat ongeveer drie-vijfde deel van de

Seite 23

119 Inhoudelijke samenhang De dubbel-afbeelding illustreert in meerdere scènes een episode uit de Aeneis van Vergilius: het slot van boek 4 met de li

Seite 24

12 die baierischen Abteyen’. Zijn zesde brief, gedateerd 15 april 1803, beschrijft zijn vondsten in Benediktbeuern. In deze abdij trof Von Aretin een

Seite 25

120 verliefde Dido zelf belichaamt hier de overgang van liefdesgeluk naar liefdesleed, van liefdesjubel naar liefdesklacht. De liederen verschillen

Seite 26

121 standpunt weergeven.262 Het eerste deel beschrijft Dido’s liefde voor Eneas als overmatig en voert haar dood op als voorbeeld van onbeteugelde ov

Seite 27 - Bischoff 1967, 13

122 Dan volgt een verhalende strofe: de nobele Dido wordt versmaad en verlaten ten gunste van het door de goden gewenste huwelijk van Eneas met Lav

Seite 28

123 Eenzelfde rechtvaardiging van Dido spreekt uit een enkele regel in liefdeslied CB 59, met als thema ‘het gerechtshof van Venus’, waar Dido vanweg

Seite 29

124 Troyes, bijvoorbeeld in Cligès 4482: Ha dolante! Sayce opperde dat de uitroep misschien verwijst naar een Franse versie van het verhaal of lied.2

Seite 30

125 Anna, zie je, wat de trouw van een trouweloze bedrieger voorstelt? Onder vals voorwendsel heeft hij mij verlaten en ontvlucht hij het Punische ri

Seite 31

126 weer met Eneas herenigd te worden, in de onderwereld, in plaats van met haar overleden echtgenoot Sychaeus die hier geen enkele keer genoemd word

Seite 32

127 dezelfde vorm: ze zijn opgebouwd uit viervoudig rijmende disticha of dubbel-verzen. Ook inhoudelijk hangen de teksten nauw samen: de dichter van

Seite 33

128 van de zwerftocht van Aeneas geschetst, nadat in boek I de schipbreuk en de landing in Carthago waren beschreven en de gastvrije ontvangst door k

Seite 34 - 67, 83, 72, 108

129 22.Dux errat pelago rotat illum mortis imago Obvia Kartago dat loca certa vago De aanvoerder dwaalt over zee, het beeld van de dood draait hem r

Seite 35

13 op deze plaats ontbreekt de rest) werden op de laatste pagina in kleine lettertjes afgedrukt, zodat de koper die er aanstoot aan nam deze uit het

Seite 36

130 gesprek lijkt haar zuster Anna, die achter haar staat, Dido te ondersteunen. In strofe 8 richt Dido het woord tot Anna, wanneer zij het vertrek v

Seite 37

131 drama van de liedgroep en de voorstelling zeer beknopt en kernachtig samen. Door hartstocht verblind brengt Dido zichzelf de doodssteek toe; Enea

Seite 38

132 verbrand door het onblusbare liefdesvuur van Venus, hij is verwond door de liefdespijlen van Amor en verzucht: 7b. mors michi melior quam vita l

Seite 39

133 zelfmoord in de meest letterlijke zin voltrokken. Haar dood laat de ultieme consequentie van de hartstocht zien, de zelfopoffering uit (onbeantwo

Seite 40

134 Eneas loopt in de verschillende tekstversies zeer uiteen. Alleen in de Carmina Burana en in het Haut-mont-handschrift zijn, onderling verschillen

Seite 41

135 besloten deze twee lange Troje-gedichten (die misschien niet eerder beschikbaar waren) op deze plaats in de liedverzameling op te nemen. Daartoe

Seite 42

136 voor de jeugd, want dan zoekt Amor een gezel (2,4): Amor regit iuvenes Amor capit virgines; Amor regeert de jongens, Amor neemt de meisjes gevang

Seite 43

137 wiens heerschappij onbegrensd is: Door hem ben ik overwonnen en verwond. Op deze liedstrofe sluit Versus CB 154 aan, een Amor-gedicht in 8 rijm

Seite 44

138 fol. 62r onder/62v boven, waarna de schrijver h2 de rest van de pagina, vanaf regel 6, leegliet om op fol. 63r bovenaan te vervolgen met de lente

Seite 45

139 nog in de hand. Een dergelijke weergave van Amor en ook Jocus zou geheel in strijd zijn met het karakter van de Buraanse liederenverzameling, waa

Seite 46

14 De teksten van de kritische editie vormen de basis voor de tweetalige tekstuitgave (Latijn-Duits) uit 1974 door Günter Bernt, met een vrije maar v

Seite 48

141 HOOFDSTUK DRIE-2 EEN NIEUWE LENTE ... De Lenteminiatuur: De Vere De afdeling Liefdesliederen omvat ongeveer de helft van de gehele verzamelin

Seite 49

142 56-59 en CB 68-73) als bij de strofenliederen: CB 74, CB 78-85305, CB 92. Tenslotte openen ook enkele Liefdesklachten als contrast met de opgewek

Seite 50

143 van de Aarde en haar veelkleurige bloemenkleed behoren tot de standaardelementen van de lentebeschrijving. De natuurbeschrijvingen in de Carmina

Seite 51

144 aansluitende eerste strofenlied CB 74, en drie liedteksten na de Lentegroep, die ook nog verwijzingen naar de Lente bevatten: CB 87, 92, 96.310

Seite 52

145 De komst van de Lente wordt hier omschreven door middel van een kosmische tijdbepaling. Janus, de Romeinse god van het (jaar)begin, heeft het nie

Seite 53

146 CB 60a en CB 61: Venus en de zoete lentegeur Ook de beginstrofen van deze twee liederen bevatten verwijzingen naar de Lente: de zoete nectargeur

Seite 54

147 zachte Westenwind (Zephyr) sluit de ijzige Noordenwind (Aquilo) op in zijn kerker, het donkere wolkendek trekt op door de warmte van de zon, als

Seite 55

148 CB 73: Ver renatum - De Lente is herboren In deze laatste Sequens heeft de dichter geleerde mythografie, lentebeschrijving en een smeekbede tot V

Seite 56

149 2.Risu Iovis pellitur torpor iemalis altius extollitur cursus estivalis solis beneficio qui sublato bravio329 recipit teporem sic ad instar temp

Seite 57

15 Peiper gebaseerde Duitse versvertaling van Ludwig Laistner uit 1879, met de titel Golias: Studentenlieder des Mittelalters, was naast zangboekje o

Seite 58

150 liefdesgevoel bij de jeugd. In het eerste lied Estivali gaudio (1ab) en in het refrein worden de thema’s natuur en liefde afgewisseld, en het ref

Seite 59

151 1.SOLIS Iubar nituit nuncians in mundum quod nobis emicuit tempus letabundum ver334 quod nunc apparuit dans solum fecundum salutari meruit per ca

Seite 60 - Zie Schumann 1930, 55*

152 ab aeris temperantia rerum fit materia unde multiplicia generantur semina De zon vernieuwt de aarde opdat haar vruchten niet tegronde gaan. Uit d

Seite 61

153 Het refrein roept op tot bij het blijde jaargetijde passende vreugde: 1.TRANSIIT Nix et glacies spirante Favonio341 terre nitet facies ortu floru

Seite 62

154 De bloeitijd is nabij, het gezang van de vogels zwelt aan, de aarde schenkt troost. REFR. Eia, hoe mooi zijn de vreugden van de liefde! Het Len

Seite 63

155 De Latijns-Duitse verzameling is thematisch onderverdeeld in twee groepen: Lenteliederen (CB 135-155) en Liefdesliederen zonder natuurmotief (CB

Seite 64

156 CB 136: Het gezicht van April De milde zonnewarmte van de Venusmaand April brengt een algehele vernieuwing van de wereld tot stand en het Lentef

Seite 65

157 meisjes tezamen het landschap (bloemenweide en lieflijk bos) verlevendigen. De Duitse strofe, een lofprijzing van ‘heer Mei’ (her meie), sluit bi

Seite 66

158 liefdesverlangen; wie voelt zich oud, als het jaargetijde zich zo mooi maakt? Heer Mei, U wordt de prijs toegekend, de Winter zij weggehoond.

Seite 67

159 3.Ecce iam vernant omnia fructu redivivo pulso per temperiem tam frigore nocivo tellus feta sui par- tus grande decus flores gygnit odoriferos n

Seite 68

16 zelfs in Schotse verzen.25 De vele bewerkingen in diverse talen, die de afgelopen jaren zijn verschenen, lijken erop te wijzen dat de Carmina Bura

Seite 69

160 daarop vermaken! De meisjes en studenten (virgines cum clericis) verzamelen zich daar voor zang, dans en (liefdes)spel.364 CB 143 en 144: De vr

Seite 70

161 Lente op met bloemenpracht en vogelzang. De nachtegaal van het Latijnse lied is in de Duitse strofe tot liefdesbode van de minnaar geworden. 1.T

Seite 71

162 CB 150: De verwelkte aarde bloeit weer op In de bloeitijd van de Lente, aangekondigd door de lieflijke zang van de nachtegaal, wanneer de tempera

Seite 72

163 Voor de Lenteminiatuur: de Latijnse liedgroep, getiteld ‘De Vere’ De lentegroep CB 156 tot 160 De Landschapsminiatuur vult de gehele laatste bl

Seite 73

164 De zoete samenzang der vogels weerklinkt, de jeugd moet zich verheugen! De strenge winter is heengegaan, want er waait een zachte wind. 2.Tellus

Seite 74

165 bos. Dit korte liefdeslied is al eerder in de verzameling opgenomen, tussen de strofenliederen in het eerste ‘internationale’ corpus van de afdel

Seite 75

166 1.AB Estatis foribus Amor nos salutat humus picta floribus faciem commutat Flores amoriferi iam arrident tempori perit absque Venere flos etatis

Seite 76

167 Het lente-motief in het ‘Liefdeskatern’ De tweetalige gezelschapsliederen in het slotkatern van de Liefdes-afdeling (fol. 65-72) bevatten soms o

Seite 77

168 2.Cantat phylomena sic dulciter et modulans auditur <suaviter> intus caleo386 O o totus floreo De nachtegaal zingt, zo zoet en laat haar me

Seite 78

169 Nu grvonet auer div heide mit grvoneme lovbe stat der walt der winder chalt twanch si sere beide div zit hat sich uerwandelot ein senediv not ma

Seite 79

17 schrift in de jaren 1225-30; het schrifttype behoort nog tot de eerste helft van de 13e eeuw, hoewel het een tamelijk ver voortgeschreden ontwikke

Seite 80

170 CB 151a: Walthers Meilied De betreffende strofe, de derde, uit het Meilied van Walther is in het voorafgaande ‘Lente-katern’ van de verzameling o

Seite 81

171 CB 152: Geen Zomer zo stralend als deze Bloemenpracht en vogelzang vormen ook het thema van het volgende tweetalige lied. De eerste Latijnse stro

Seite 82

172 Ter veraangenaming van de Lente bloeien tijm, rozen en lelies; hen zingt de nachtegaal zoet en wellustig toe. CB 81: Nachtegaal en leeuwerik In

Seite 83

173 thema en vorm CB 92 volgt, situeert dit schouwspel in een lieflijk stukje natuur: een bloemrijk dal, waar lelies bloeien en waar de nachtegaal en

Seite 84

174 bijgewoond door een schare van goden, volgens Vollmann een allegorie voor het harmonisch samenklinken (consors consonantia) van alle delen van de

Seite 85

175 Na de verwensingen over deze fatale zaken wordt het thema in koorzang herhaald. Bij deze bijeenkomst is onze Jupiter aanwezig met zijn Juno, Cupi

Seite 86

176 ochtendzanger en sluit met de nachtegaal als klagende avondzanger. De tweede groep bevat lentebodes, vogels die met hun zang of roep de Lente aan

Seite 87

177 CB 144a: De gelukzalige bloeimaand De op CB 145 volgende Duitse strofe bevat geen lentemotief, maar de eraan voorafgaande Duitse strofe sluit inh

Seite 88

178 CB 132: Iam vernali tempore - In de lentetijd: ‘Lied over de zang van vogels en dieren’ Dit eerste Lentelied van de lange reeks die besloten wo

Seite 89

179 Het lentezangkoor van de landdieren wordt aangevoerd door de wilde ezel (onager) en afgesloten door de tamme ezel (asinus). De keuze voor de onag

Seite 90

18 ook de eerste schrijver (h1). Bischoff vermoedde dat ook in het zuidelijke Carinthië Duitse schrijvers vertrouwd waren met Italiaanse schrijfgewoo

Seite 91

180 3b.Lepus vagit et vulpis gannit ursus uncat et lupus ululat ... sus et grunnit asinus et rudit De haas kermt en de vos keft, de beer bromt en de

Seite 92

181 van de beide Versus vormde ongetwijfeld de ‘catalogus’ van vogel- en diergeluiden in het middendeel van het Lentelied CB 132. In de overlevering,

Seite 93

182 Te vespertilio vel hirundo non reticebo Tu michi dulcisonam cape smirle celer philomenam Laudula nulla tuum fugiat cincedula (cicendula?) tactum

Seite 94

183 Lynx (luhs), wolf (wolf) en haas (has), vos (vuhs) en moervos (vohe), das (dahs). Marter (marder) en hermelijn (harmil), otter (otter), bever (pi

Seite 95 - OOFDSTUK DRIE

184 lijkt het Duitse equivalent van de Latijnse purpergekleurde velden of bloemenweiden (prata purpurata). In CB 152a heeft de heide zich gesierd mit

Seite 96

185 Het lentewoud vol vogelzang Naast de fleurige en geurige bloemenweide vormt het groenwordende bos of woud (nemus, silva) een van de hoofdmotieve

Seite 97

186 In deze middeleeuwse Europese lentelyriek is de belangrijkste boom echter de linde (tilia, linde), die in de liedteksten met de meidans en met li

Seite 98

187 het licht van de algehele renovatio van de natuur schijnt het mij toe dat de illustrator met dit antropo-morf-vegetatieve element het ‘wezen’ of

Seite 99

188 dit lied genoemd en expliciet met de Lente in verband gebracht. Hun rol wordt hier echter versterkt door de toevoeging van de verzen over vogels

Seite 100

189 Lente, aanvankelijk onder de algemene noemer ‘Item (aliud)’ (liederen met een Duitse slotstrofe) en vanaf fol. 63r met de titel ‘De Vere’ (de geh

Seite 101

19 is zijn vroegst dateerbare werk en in een later loflied (c.1245) prijst hij een bisschop van Moravië (Bohemen). Zijn Duitse prijsstrofen wijzen op

Seite 102

190 Zo wordt een relatie gelegd tussen de oplevende natuur en het menselijke gevoelsleven. Vooral in de gezelschapsliederen over de liefde verlokt de

Seite 103 - OOFDSTUK DRIE-1

191 HOOFDSTUK DRIE-3 EEN NIEUWE LIEFDE... Een liefdesverklaring met bloemen: Suscipe flos florem Het ingevoegde nieuwere of ‘Duitse’ liedcorpus be

Seite 104

192 De scène van een jongeman die een meisje bloemen aanbiedt illustreert het titelvers dat er direct boven staat: Suscipe flos florem quia flos desi

Seite 105

193 eenmaal zelfs in combinatie. De uitwerking van de ‘liefdesverklaring door bloemen’ in de zes versregels daartussen is een unicum.465 De twee verz

Seite 106 - VARIUM Fortune lubricum

194 1.O MI Dilectissima vultu serenissima et mente legis sedula ut mea refert littera Oh, mijn allerliefste, lees met je vriendelijkste blik en met

Seite 107

195 Samenhang met de liedteksten: motieven uit de liefdesliederen Het afsluitende gedicht met de bijbehorende illustratie behoort met zijn combinat

Seite 108

196 (corpus unum duorum) met zijn geliefde nastreeft,475 maar de vereniging van hart en geest (cor unum duorum et idem velle). Het lied eindigt met e

Seite 109

197 geheimhouding van de identiteit van de geliefde vormt ook een standaardmotief in de middeleeuwse liefdestraditie.482 Flos florum: aardse en hem

Seite 110

198 die door dezelfde clericale auteurs werden gecomponeerd, op dezelfde melodieën werden gezongen en doorgaans in dezelfde verzamelhandschriften zij

Seite 111 - Walsh 1976 (30 poems) 140

199 In het eerste deel van de afdeling Liefdesliederen (CB 56-121) CB 77: SI Linguis angelicis - een liefdesvisioen: de droom van de Roos Zoals geb

Seite 112

2 Promotor: Prof. dr. J.C.J.A. Klamt Dit proefschrift werd mede mogelijk gemaakt met financiële steun van d

Seite 113

20 6* pas ten vroegste rond 1250 als bladvulling op fol. 105r en 104v ingevoegd (tussen de delen van het Kerstspel).41 Bovendien was bisschop Heinri

Seite 114

200 De geliefden begroeten elkaar in een gestileerde dialoog. De man spreekt de dame aan met eretitels als ware zij de maagd Maria, maar vervangt de

Seite 115

201 In het ‘Liefdeskatern’ (CB 161-186) CB 163: Flos in amore spirat odore In liefdeslied CB 163 wordt de geliefde bloemrijk geprezen: haar schoonh

Seite 116

202 CB 170: De Bloem der bloemen De dichter van CB 170 is in liefde ontvlamd voor ‘een buitengewoon meisje, aan wier schone gestalte God en moeder Na

Seite 117

203 CB 115: Een smeekbede De minnaar richt zich direct tot zijn dame en vraagt haar om erbarmen: Nobilis mei miserere precor; Edele vrouwe, ik smee

Seite 118

204 de vlechten van je haren - O hoe stralend is je schoonheid! 3.Rosa rubicondior lilio candidior omnibus formosior semper in te glorior513 Roder

Seite 119 - 1989, 146 n.554

205 gezicht (facies, vultus) glanst blinkend wit met rood en in haar boezem (pectus) is wit vermengd met rood tot roze. Ook het meisje van CB 182 str

Seite 120

206 minnaar komt voor het eerst weer voor in de ‘Verzen uit Ivrea’ (Versus Eporedienses) van de dichter Wido, die de invloed van Ovidius’ Amores verr

Seite 121

207 heupen en de weelderige welving van de buik; de ledematen worden gekenmerkt door gladde handen, vlezige (of witte) benen, korte voeten met rechte

Seite 122

208 15.Aurea mirifice coma dependebat tamquam massa nivea gula candescebat pectus erat gracile528 cunctis innuebat quod super aromata529 cuncta redol

Seite 123

209 De liefdesliederen van Petrus van Blois In de Codex Buranus zijn zeven liefdesliederen van Petrus van Blois (anoniem) opgenomen, waarvan er drie

Seite 124

21 weerspiegelen de regionale schrijfgewoonten zich (onafhankelijk van het tekstmodel) in het al dan niet weergeven van de ‘neuhochdeutsche’ diftonge

Seite 125

210 pariter eburneus sedet ordo dentium par niveo candori Zij verlokt met zoete woorden en met kussen van haar licht gewelfde lippen; de geur van ne

Seite 126

211 Slank rond het middel (onder de gordel) laat zij haar navel een beetje uitsteken boven haar licht gewelfde buikje. Oh, als Jupiter haar zo zou z

Seite 127

212 haren en haar gepenseelde zwarte wenkbrauwen, die aan de uiteinden sierlijk omhoogkrullen. Het gezicht blijkt niet geheel van nature zo fraai get

Seite 128

213 wenkbrauwen, een ideale neus van gemiddelde afmeting, blozende wangen, een rode en verleidelijk lachende mond met licht gewelfde lippen, een rech

Seite 129

214 lende standen.545 Ook in de liefdesliederen van de Carmina Burana poogt de minnaar een meisje voor zich te winnen door met haar over de liefde te

Seite 130

215 levenslust, van overgave aan aards genot en aan de liefde. De strekking van deze liederen is: de jeugd is de bloeitijd van het leven en duurt maa

Seite 131 - CB 103: unicum, fol. 77

216 zich uitleven (dum iuventus floruit licuit et libuit): de lichamelijke begeerte volgen (peragere carnis voluptatem), een vrij leven leiden (viver

Seite 132

217 Verliefde meisjes: CB 85 = 159 Dit vierstrofige liefdeslied over ‘Juliana en haar zuster’ komt tweemaal in de afdeling Liefdesliederen voor: een

Seite 133

218 4.Si tenerem quam cupio in nemore sub folio oscularer cum gaudio Dulcis amor! ... Als ik maar mocht vasthouden, haar die ik begeer, in het bos on

Seite 134

219 CB 178a: De Zomer begroeten met een reidans Het vrolijke Duitse danslied CB 178a gaat vooraf aan het Latijnse lentedanslied Tempus est iocundum

Seite 135

22 In 1982 bouwt Lipphardt zijn onderzoek van het muziekrepertoire verder uit. De Carmina Burana bevat Latijnse gezangen van Franse herkomst uit drie

Seite 136

220 Estivali gaudio (1ab), bezingt hoe door de ‘zomerse vreugde’ het ‘koor der jongens’ tot liefde en Venusdienst wordt opgewekt. In het tweede deel,

Seite 137

221 Mandaliet mandaliet min geselle chovmet niet Deze herhaalde uitroep van een meisje is verklaard als Mandalied ofwel ‘vreugdelied’, gevolgd door:

Seite 138

222 CB 172a: Een mannelijke versierder De Duitse strofe CB 172a bevat een soort tegenverklaring van een mannelijke ijdeltuit, die juist hevig naar de

Seite 139

223 topos echter terug op de commentaren van laat-antieke grammatici als Aelius Donatus (4e eeuw)575: Quinque lineae perfectae sunt ad amorem: prima

Seite 140

224 In spreukvorm is het motief in tal van verzamelingen te vinden, in diverse formuleringen. Zo bevat een 13e-eeuws grammatica-handschrift uit het B

Seite 141 - OOFDSTUK DRIE-2

225 gedicht om dit lied te begeleiden. Versus CB 64, getiteld ‘De XII virtutibus HERCULIS’, is een leerdicht van Ausonius, dat de heldendaden van Her

Seite 142

226 vogelzang. Zo heeft Amor het hart van de jongeman verstrikt, aan zich onderworpen en met zijn liefdespijlen verwond. Hij werd verliefd op een mei

Seite 143 - 231-37

227 Liefdeslofzang CB 65 en Versus CB 66 Lied CB 65 is een lofzang op het zinnelijke liefdesgenot verhuld onder een mythologische dekmantel. Het gedi

Seite 144

228 Het Buraanse lied CB 116 is een bewerking van een 12e-eeuwse liefdesklacht uit Frankrijk, die in dezelfde vorm ook voorkomt in een ander handschr

Seite 145

229 CB 88 en 167: Het meisje is tot rijping gekomen In lied CB 88 is de aanbeden Cecilia nog te jong voor het bedrijven van de liefde. De minnaar moe

Seite 146

23 these op de schrijfdialecten van de Duitse teksten, in het bijzonder de weerstand van de schrijvers tegen de Nieuwhoogduitse diftongering. Op basi

Seite 147

230 omschreven. Vooral in de lofzangen op de liefde waarmee de afdeling opent wordt het hoogtepunt van het lichamelijke genot bejubeld via de erotisc

Seite 148

231 begunstiger in de liefdesstrijd! Daarna beschrijft hij zijn succesvolle inname als volgt: nam intra seram militavi virginalis porte; want ik voch

Seite 149

232 tegenstand van het meisje slechts gespeeld was. De slotstrofen beschrijven de verzoening na de strijd en de dichter benadrukt dat ook zij van het

Seite 150

233 anonieme herderin. De man verhaalt over zijn liefdesavontuur met een boerenmeisje, dat hij onderweg aantreft. Het gedicht opent meestal met een k

Seite 151

234 Tamelijk hard was het voor haar, voor mij was het aangenaam en zoet. ‘Wat heb je gedaan?’, zei ze, ‘slechterik! Ach en wee, maar toch: Vaarwel! P

Seite 152

235 CB 177: Een meisje als een roosje De laatste groep dans- en refreinliederen begint op fol. 70r bovenaan met een meertalig gedicht, bestaande uit

Seite 153

236 CB 184 en 185: Jagers in het bos De twee gemengdtalige refreinliederen CB 184 en 185 hebben een pastourelle-achtig karakter.624 Ze verhalen over

Seite 154

237 Ik was een kind zo lieftallig, als maagd bloeide ik toen. Toen prees de hele wereld mij, iedereen beviel ik. Refr.Ach en owee! vervloekt zijn de

Seite 155

238 aanrakingen ‘als een trillend blad’ en barst in tranen uit. Als zij verdere intimiteiten weigert gebruikt hij grof ‘krijgsgeweld’ om de maagd te

Seite 156

239 wordt nagestreefd. Het centrale motief van de scabreuze ‘pastourelles’, deflorare, blijkt immers ook het ultieme motief achter de bloemrijke beel

Seite 157

24 gebied van de bisdommen Passau, Salzburg, Brixen en Trente (1994), behandelde Knapp ook de Carmina Burana en werkte een aantal argumenten verder u

Seite 158

240 De relatie met de liedteksten De verzen van CB 186 vormen samen met de daarin opgenomen afbeelding van het Liefdespaar de afsluiting van de afde

Seite 159

241 de lange slanke hals is gevlochten, over de rechte schouders naar achter valt en dan sierlijk de ruglijn volgt tot op de heupen. De huid van gezi

Seite 160

242 lente- en bloemengodin, want groen is de kleur van de plantengroei en de natuur in de lentetijd. Het ‘lentemeisje’ van het gedicht, helder als de

Seite 161 - FLORET; het

243 jonge vrouw representeert de in de liederen bezongen meisjes, de jongeman de wervende minnaars, de ik-figuren (zangers) van de liedteksten. De

Seite 162

244 de bloemenmetafoor, dan betekent dit tevens dat ook de geschilderde Bloem (Flora) slechts een afbeelding (figura) op perkament is, geen tastbare

Seite 163

245 HOOFDSTUK DRIE-4 IN TABERNA: WIJN EN SPEL De afdeling kroegliederen: drinkers en spelers Terwijl de eerste vier miniaturen van het handschrift

Seite 164

246 Op de reeks drink- en speelliederen (CB 191-206) volgt een reeks van vier metrische gedichten over ‘het spel’ (CB 207-210). De miniatuur van de D

Seite 165

247 middeleeuwse autoriteit, Alanus ab Insulis645, te zeggen: Auctoritas cereum habet nasum, id est, in diversum potest flecti sensum; Een autoriteit

Seite 166

248 Bij een parodie worden motieven uit twee verschillende tekstgenres door vormnabootsing met elkaar in verbinding gebracht, in het geval van de dri

Seite 167

249 ‘De Primate trutanno et de versibus suis et rithmis’. In een later toegevoegde Nota attendeert hij daarbij wel op het onderscheid tussen ‘Primas

Seite 168

25 Lehmann’s tentative supposition was correct, and that the Southern Tirol is the only location which makes it possible to explain all the linguisti

Seite 169

250 Het is mijn vaste voornemen, in de kroeg te sterven waar de wijnkannen de mond der stervende nabij zijn ... De dichter bekent dat de pure wijn va

Seite 170

251 I. In het mengvat wordt wijn aangelengd met water. De wijngod wordt zo verbonden met Thetis, de veel grotere godin van de zee, waardoor hij even

Seite 171

252 Gods zegen, mijnheer, breng de wijn, dan kussen wij hem. Wij achten de Rijn (water) niet hoog, maar dienen Bacchus. CB 197: De drinkebroers Di

Seite 172

253 Ze drinken eenmaal op deze, tweemaal op gene categorie (op de gevangenen, levenden en doden, zeevaarders etc.) tot dertienmaal toe, eindigend met

Seite 173

254 CB 200: Een Bacchus-hymne Het refreinlied op Bacchus is een gezelschapslied, dat de grondvorm van een hymne parodieert (aanroeping, opsomming va

Seite 174

255 siquis bibit sepius satur fit et ebrius Deze holle beker, overvloeiend van goede wijn; als men er veelvuldig uit drinkt, wordt men verzadigd en d

Seite 175

256 Oh, gij uitverkoren drinkers, gij zijt dorstig zonder dorst. Kom, drinkt nu ongehinderd en vergeet de bekers niet. Laat de steeds bijgevulde beke

Seite 176

257 URBS Salve regia Trevir urbs urbium Wees gegroet, koninklijke stad Trier, stad der steden 2.Trevir metropolis urbs amenissima que Bachum recoli

Seite 177

258 Te Deum laudamus et hoc propere Als wij dan de wijn begroeten, dan zingen wij: ‘U God, loven wij’ - en wel snel! Dan volgt een ‘advies’ aan de

Seite 178

259 In de cultus van deze religie (religionis cultus) vervult uiteraard naast voedsel ook wijn een essentiële rol (2,5): cuius mensa et cratera sunt

Seite 179

26 Inmiddels was er vanuit germanistische hoek ook een nieuw voorstel gedaan, door C. Bertelsmeier-Kierst. N. Palmer maakte in zijn bespreking van de

Seite 180

260 In de derde strofe gaat het drinken weer vergezeld van dobbelen.689 De ‘prediker’ besluit zijn rede, in parodie op een hymne, met een oproep tot

Seite 181

261 CB 191: De goklustige Archipoeta In zijn Confessio bekent de Archipoeta na zijn liefde voor meisjes ook zijn goklust en zijn voorliefde voor het

Seite 182

262 sed furti conscii dum ludunt socii Het is de gewoonte van een valsspeler, dat zijn steen de snellen, tragen en loggen bedriegt; dat de dobbelste

Seite 183

263 Ook na het verblijf in de gastvrije herberg aan het marktplein van CB 197 eindigen de drinkebroers ‘naakt’, zonder mantel, op straat (5,3): fratr

Seite 184

264 Na een stevige drinkronde wordt de tafel leeg gemaakt, de spelers halen hun dobbelstenen tevoorschijn en ruilen hun kleding in voor speelgeld en

Seite 185

265 achterzijde van blad 91 met waarschuwingen tegen de verleidingen van het dobbelspel. CB 208 is een vier-regelig letterraadsel met als raadwoord ‘

Seite 186

266 IV.Hii tres ecce canes segnes celeres et inanes Sunt mea spes quia dant michi res et multiplicant es Pignora cum nummis cum castris predia summi

Seite 187 - Duitsland; zie boven

267 effect van de woordgrappen bij opvoering voor een gezelschap met een clericale achtergrond zeer moet hebben vergroot. De eigenlijke grap van een

Seite 188

268 3b.Per tres falsos testes abstraxisti vestes Ses zinke surgant spes mea precedant cito in tabulea Door drie valse getuigen heb jij mijn kleren we

Seite 189

269 Mirabantur omnes inter se, quod Decius abstraxerat cuilibet vestes; En zij verwonderden zich onder elkaar, dat Decius kleren had afgenomen van wi

Seite 190

27 Salzburg en hadden hun contacten met andere Augustijner koorherenstiften als Klosterneuburg, Passau, Salzburg en wellicht ook met elkaar. Het ‘Aug

Seite 191 - EN NIEUWE LIEFDE

270 hier Hashardus genoemd, naar het Franse hasard (toeval, kans).725 Deze treedt op als personificatie van het dobbelspel, synoniem aan Decius, wien

Seite 192

271 CB 221 en 222: De Drinkerspreek en de Spelersabt De preekparodie CB 221 is gericht tot de drinkersgemeenschap, die tevens een spelersgenootschap

Seite 193

272 De Drinkscène De teksten: Bacchus en de wijn De Drinkers-miniatuur staat temidden van drinkliederen die aan Bacchus en de wijn zijn gewijd (CB

Seite 194

273 voorstelling tot een ‘Drinkersmis’ van de volgelingen van Bacchus, als visuele tegenhanger van de gezongen Spelersmis CB 215. Centraal in de kroe

Seite 195

274 geld en kleding, waarna de verliezer ‘naakt’ in de goot belandt. Dit roemloos einde van het spel wordt met veel leedvermaak beschreven. Toch geve

Seite 196

275 herbergier (tabernarius) keert als staf van de schenker terug op de hoofse Triktrak-afbeelding. De waard staat naar de linkse spelersgroep gerich

Seite 197

276 laten volgens mij de volgende stand zien: op de linkse tafel van boven naar onder 4-2-6, samen 12, op de rechtse tafel vanaf linksboven 3-6-4, sa

Seite 198

277 afgeleid van het Latijnse woord tabula voor speelbord, ook wel Werptafel genoemd vanwege het gebruik van dobbelstenen. Het ‘werptafelen’ verenigt

Seite 199

278 CB 209: Schaak als veldslag In vier verzen wordt een schaakpartij kort omschreven met termen en beeldspraak uit het krijgsbedrijf.740 De op het

Seite 200

279 1. Qui vult egregium scachorum noscere ludum Audiat ut potui carmina conposui Wie het verheven schaakspel leren wil, moet toehoren: ik heb - n

Seite 201

28 Talrijker zijn de korte verzen, vaak spreuk-achtig van vorm en belerend van inhoud, met onder andere citaten van antieke dichters maar ook spreekw

Seite 202

280 voorhoede gaan als eersten voorwaarts, stap voor stap. Vanaf zijn standplaats mag een voetsoldaat schuin naar voren slaan en als hij ongeslagen d

Seite 203

281 De alficus (loper) verraadt reeds in zijn naam zijn Arabische afkomst (al-fil, Perzisch pil). In het oorspronkelijke spel was hij de strijd-olifa

Seite 204

282 De rechtse speler op de miniatuur rukt weliswaar met zijn toren vanuit de rechterhoek ver het speelveld op, maar deze eerste uitval naar voren be

Seite 205

283 overgeleverd. De Schaak-afbeelding vormt een samenhangend paar met de Triktrak-miniatuur en moet samen met deze (en die van het Dobbelspel?) uit

Seite 206

284 (CB 194) en de ‘Archipoeta’, hofdichter van de Keulse aartsbisschop (CB 191 en 220), een grote verspreiding gekend. Ook veel van de overige tekst

Seite 207

285 Copyright: C.J.M. Couwenberg, 2011

Seite 208

EEN LIED VOOR ELK SEIZOEN DE CARMINA BURANA IN BEELD - DEEL II A SONG FOR EACH SEASON PICTURING THE CARMINA BURANA (with a summary in English)

Seite 209

2 Promotor: Prof. dr. J.C.J.A. Klamt Dit proefschrift werd mede mogelijk gemaakt met financiële steun van d

Seite 210

3 HOOFDSTUK VIER DE MINIATUREN EN DE BEELDTRADITIE Van de ons bekende handschriften met wereldlijke liederen werd de Carmina Burana als eerste met a

Seite 211

4 Dido’s liefdesdrama tot zelfstandige onderwerpen voor lieddichters. Deze thema’s zongen zich letterlijk los uit hun oorspronkelijke samenhang, die

Seite 212

29 Burana drie liedrepertoires uit Frankrijk te onderscheiden, afkomstig uit verschillende centra en periodes. Bovendien bevat de verzameling een mee

Seite 213

5 miniatuur tot beeldmerk van de gehele verzameling geworden, die de kaft(omslag) van diverse edities van de Carmina Burana siert.4 Onder kunsthistor

Seite 214

6 en waarschuwing eeuwenlang kon spelen zonder wezenlijk van gedaante en karakter te veranderen is slechts schijnbaar in tegenspraak met haar wispelt

Seite 215

7 gelt. In de latere versies van dit populaire type is de soms geblinddoekte Fortuna dan ook meestal in een staande houding weergegeven.9 De Carmina

Seite 216

8 in Pavia onder de Oostgotenkoning Theodoric, aan wiens hof in Ravenna hij eerst carrière had gemaakt. Boethius ontleende het motief van het draaien

Seite 217

9 Hoofdpersoon van de voorstelling is de door Boethius sprekend opgevoerde Fortuna, staande achter haar instrument: een spakenrad met figuren rondom.

Seite 218

10 een rad-afbeelding bevat door dezelfde tekenaar. De twee rota-voorstellingen vormen elkaars tegenbeeld: het rad van het aardse fortuin wordt hier

Seite 219

11 Deze vroege uitbeelding van Fortuna’s Rad bevat al de wezenlijke elementen van het beeldmotief: de configuratie van vier personen rond het rad, cu

Seite 220

12 van Fortuna’s rad. Zo vormen de vier uitspraken het leitmotif van een reeks Fortuna-gedichten van Boccaccio. Ze werden tegen het einde van de 15e

Seite 221

13 Fortuna tronend in het rad De Fortuna-miniatuur in de Carmina Burana behoort wat compositie betreft tot het schema van Fortuna in rota: Fortun

Seite 222

14 Het radschema van Villard Het schematisch ontwerp voor een Fortuna-rad door de Noord-Franse bouwtekenaar Villard de Honnecourt laat zien hoe de n

Seite 223 - NUMERI, afkomstig uit het

3 Voor mijn ouders Jos Couwenberg i.m. en Rie van Drunen

Seite 224

30 een muziekhandschrift in Florence (Med-Laur.Plut.29,1) en een teksthandschrift in Oxford (Bodl.Rawlinson C 510).72 Liederen van Duitse herkomst

Seite 225 - ERCULIS’, is een leerdicht

15 De machtsstrijd om Rome Alanus ab Insulis geeft in zijn allegorische gedicht Anticlaudianus een beschrijving van het Rijk van Fortuna, die daar vo

Seite 226

16 Uit het kruisvaardersatelier van Acre zijn uit de tweede helft van de 13e eeuw vier verluchte exemplaren bekend van de Histoire Ancienne, waarvan

Seite 227

17 staande achter de spaken van het rad dat haar nu geheel omgeeft (‘Boethius-type’ met vergroot rad).44 Bovendien troont Fortuna in kleiner formaat

Seite 228

18 ten tijde van de kruisvaarders. De gebruikelijk vertaling naar de eigen tijd heeft bij dit specifieke thema een bijzondere urgentie, die bijvoorbe

Seite 229

19 Een verwijzing naar de eigentijdse historie? De majesteitelijke uitstraling van de Buraanse Fortuna in combinatie met een tronende heerser naar c

Seite 230

20 geïllustreerd.57 Op de twee troonscènes waarin Fortuna optreedt wordt de Rota fortune verbonden met de verliezer Tancred, die met name wordt genoe

Seite 231

21 dichter besluit met een algemene verzuchting over het lot van de mens: Seht, alsô gât diu welt hie mit uns umbe.61 Ook in de Latijnse Fortuna-lied

Seite 232

22 representeert het de heerser in zijn hoedanigheid van wetgever en opperrechter.64 In deze houding is keizer Frederik II bijvoorbeeld afgebeeld naa

Seite 233

23 dergelijke contemporaine gerechtscène ontleend, maar de naar voren gericht blik maakt deze tot een zelfstandige heersersafbeelding. De Buraanse v

Seite 234

24 De majesteitelijke Fortuna in het rad Fortuna beheerst de lotgevallen De Buraanse Fortuna troont voor het rad als een heerseres, in een statische

Seite 235

31 overgeleverd.77 Docen bezorgde al in 1807 de eerste uitgave van alleen de Duitse verzen. Hij vermoedde dat de verzameling een vaganten-liedboek wa

Seite 236

25 de beeldencyclopedie die abdis Herrad samenstelde voor haar klooster Hohenburg in de Elzas (c.1175-85).77 Op een Artes-blad uit Salzburg (c.1150-6

Seite 237

26 oorspronkelijke uiterlijk van deze eind 19e eeuw geheel overgeschilderde figuur geeft de wat latere Ecclesia-miniatuur in het Perikopenboek van St

Seite 238

27 weergaven van dit beeldmotief. Het is misschien te danken aan het toeval van de overlevering, maar deze tronende ‘Fortuna in rota’ lijkt meer aan

Seite 239

28 Madonna als openingsbeeld te verwachten is. Ook een moderne bewerker van de Carmina Burana heeft Fortuna’s rol zo opgevat, blijkens de ondertitel

Seite 240

29 Dido’s zelfmoord als voorbeeld van Fortuna’s ingrijpen in de geschiedenis van de mensheid, ditmaal op het terrein van de liefde.

Seite 242

31 HOOFDSTUK VIER-2 DIDO EN AENEAS: EEN KLASSIEK LIEFDESDRAMA De Dido-miniatuur is de enige verhalende voorstelling in de Codex Buranus en is als z

Seite 243

32 Dido in de antieke Romeinse kunst De liefdesgeschiedenis van Aeneas en Dido stamt uit Vergilius’ Aeneis, het nationale epos van de Romeinen (29-1

Seite 244

33 in het bijzonder. Door de ‘gezelschapsruimten’ van zijn villa te decoreren met literaire thema’s kon de eigenaar zijn gasten imponeren met zijn ke

Seite 245 - N TABERNA: WIJN EN SPEL

34 De illustratie is uitgevoerd door drie schilders in de zogenoemde ‘classical revival style’. Rome beleefde rond 400 een laatste opbloei van antiek

Seite 246 - 1737 f. (G. Bernt)

32 maar ook bij de unica ging Wachinger uit van dezelfde verhouding als regel, namelijk dat de meeste Latijnse carmina van deze groep als contrafacte

Seite 247

35 gaan om uitstel van zijn vertrek te vragen, maar deze blijft doof voor haar herhaalde smeekbedes. Na fol. 37 en 38 ontbreekt weer een blad, dat op

Seite 248

36 De setting en de hoofdrolspeelster blijven gelijk: de koningin met zelfmoordplannen heeft alle tekenen van vorstelijke majesteit afgelegd en bevin

Seite 249

37 Vergilius als schoolauteur: de Aeneis als studieboek De middeleeuwse Vergilius-traditie is voornamelijk een teksttraditie, geheel passend bij zij

Seite 250

38 Zo werd in de Latijnse geleerdentraditie de antieke beleving van het Aeneasverhaal op schoolse wijze voortgezet, inclusief de nadruk op Dido’s zel

Seite 251

39 tot een groep klassieke handschriften vervaardigd in opdracht van hertog Giovanni III en bestemd voor de door hem ter nagedachtenis aan zijn echtg

Seite 252

40 stijlopvatting in diverse stadia zien. De radicale reductie van de verhalende scènes tot hun essentie levert samen met de vervorming van de figure

Seite 253

41 Noord-Frankrijk tegen 1200: de verzamelde klassieken De oplevende interesse in antieke literatuur en historie komt vooral in Frankrijk op divers

Seite 254

42 daarvan. In deze nieuw gevormde middeleeuwse beeldtraditie speelt Dido weer een hoofdrol, als de tragische heldin van de Carthaagse liefdesepisode

Seite 255

43 roman d‟Eneas stamt uit de tweede helft van de 13e eeuw, maar moet op eerdere Franse voorbeelden teruggaan.123 De Eneide van Heinric van Veldek

Seite 256

44 eveneens een historisch heldendicht als spiegel voor de eigen tijd (Regensburg c.1170).128 Misschien diende het prachthandschrift als geschenk voo

Seite 257

33 Meertaligheid in de Carmina Burana In een studie uit 1981 plaatste Ulrich Müller de liederen met Duitse strofe in de bredere context van meertalig

Seite 258

45 lichaam omhult en waaronder de zoom van haar gewaad breed uitwaaiert.133 Het feestmaal bij Dido (v.880 ff.; fol. 9v) laat de hoofse tafelmanieren

Seite 259

46 dramatische moment in het geheel niet voor (v.2231 ff.).138 Op de antieke miniatuur bevindt de razende Dido zich in een uitkijktoren van het palei

Seite 260

47 meeste gevallen heeft hij bestaande beeldformules aangepast aan de inhoud van de tekst. Voor een groot deel betreft het standaardscènes uit het be

Seite 261 - Vgl. Versus CB 207,IV

48 Ook in de motiefkeuze en iconografie lopen beide uitwerkingen van het thema uiteen. Het afscheidsgesprek bij de poort en de interventie van Anna i

Seite 262

49 evenals Aeneas voorbestemd is een rijk te verwerven.148 In navolging van diens aankomst in Carthago komt ook deze rondzwervende dux Ernestus in ee

Seite 263

50 geïllustreerde exemplaar dat van de roman d‟Eneas is overgeleverd, meestal gedateerd rond 1275, bevond zich begin 15e eeuw aan het Anjou-hof van N

Seite 264

51 Histoire Ancienne: ‘Hoe koningin Dido zichzelf doodt omdat Eneas haar verlaat’154 De tendens om de ‘antieke romans’ chronologisch te bundelen co

Seite 265

52 (verloren) Franse voorbeeld, maar vertalen deze naar hun karakteristieke mengstijl en voegen elementen uit hun eigen schildertraditie toe. Kenmerk

Seite 266

53 vervaardigd als geschenk voor Henry II de Lusignan, ter gelegenheid van zijn kroning tot koning van Jeruzalem (in Tyrus) in 1286. De episode van E

Seite 267

54 Het Franse hof van Napels: sterven door vuur of zwaard De beeldcycli in Histoire-handschriften uit Napels staan wat techniek en iconografie betref

Seite 268

34 meertalige aard van de verzameling manifesteert zich volgens Sayce expliciet in de opname van materiaal uit verschillende tradities en de combinat

Seite 269

55 die tot de dood van de heldin leidt, verklaart waarom in de zelfmoordscène van Histoire-illustraties het brandende vuur (van het romanmodel) meest

Seite 270

56 Op de illustraties bij de Eneasroman, inclusief die van Veldeke, worden de zelfmoord door zwaard en vuur gecombineerd, conform de romantekst. Ook

Seite 271 - GO Sum abbas Cucaniensis

57 hovelingen. In deze hoofs-elitaire context past ook de hernieuwde illustratie van de Eneasstof: de inhoud van de tekst op een eigentijdse en repre

Seite 272

58 latere kopie overgeleverd, rond 1275 in Italië vervaardigd naar Frans model of wat eerder in Frankrijk zelf, met de ‘klassieke’ vertrekscène als o

Seite 273

59 beneden in de daar ontstoken brandstapel. De val van de muren keert terug in één latere Dido-ilustratie, bij de Histoire Ancienne, waar Dido’s wan

Seite 274

60 stuurman (Palinurus in pluviale), maar geen zeil.166 Zelfs in de zeevaartscènes van Veldekes Eneide is het antieke voorbeeld nog herkenbaar, voora

Seite 275

61 overbrenging (translatio) van het corpus van St-Marcus vanuit Alexandrië naar Venetië (afb. 38). In de mozaïekdecoratie van dezelfde kerk (c.1220)

Seite 276

62 zien dat de Italiaanse havensteden een hoofdrol speelden bij het in beeld brengen van hun handelsschepen, waarbij Pisa zich aanvankelijk vooral li

Seite 277

63 HOOFDSTUK VIER-3-1 LENTE EN LIEFDE: EEN CENTRAAL TWEELUIK MET EIGENTIJDSE THEMATIEK Na de morele les van Fortuna en het tragische liefdesverhaal

Seite 278

64 Brinckmann vinden we al de later eindeloos herhaalde duiding van de de afbeelding als illustratie van een specifieke tekst, namelijk het Duitse ge

Seite 279

35 (CB 122). Typisch Duitse gelegenheidsgedichten zijn het politieke jubellied CB 53 op de beëindiging van het Schisma in 1177, waarin aartsbisschop

Seite 280

65 bladgrote illustratie opnam, met bovenstaand bijschrift maar zonder de miniatuur in zijn lopende tekst te behandelen.181 Boeckler en de literatu

Seite 281

66 ‘vroegste zelfstandige afbeelding van een boslandschap’ (zonder figuratieve scène) als een formule terug in latere publicaties van de BSB in Münch

Seite 282

67 in de westerse kunst sinds de laat-klassieke tijd. De illustrator van de Carmina Burana, die het leven van de natuur in de zomertijd moest uitbeel

Seite 283 - Bischoff 1967, 5

68 Avril accentueert de overgangspositie van het ‘zomerse boslandschap’, waarin met traditionele beeldmiddelen al een nieuwe mentaliteit wordt uitged

Seite 284

69 fantasiebomen tegen een blauwe achtergrond zijn vogels en een aantal dieren verweven.194 Toch lijkt de reputatie van de miniatuur als ‘landschap’

Seite 285

70 variety of forms’ zelfs het karakter van de Carmina Burana als geheel: ‘a true paradise of poetry, music, and visual images’.197 Een tweedelig e

Seite 286

71 worden als een ‘lentelandschap’ of ‘een lentewoud met dieren’, maar ook algemener als ‘de natuur in de lentetijd’ of ‘de natuurlijke wereld in len

Seite 287

72 namelijk in de Perzische kunst ten tijde van de Sassanieden (224-642), de laat-Iraanse stijlfase die tot in de 9e/10e eeuw voortleefde. Hij wijst

Seite 288 - OOFDSTUK VIER-1

73 interpretatie van de voorstelling als paradijsafbeelding naar Iraans model.203 De nauwe samenhang van de miniatuur met Sassanidische voorbeelden b

Seite 289

74 miniatuur als illustratie van wereldlijke lenteliederen wordt uit het oog verloren of tenminste overschaduwd door deze fixatie op een hogere symbo

Seite 290

36 secretaris van koning Hendrik II van Engeland (1154-89). Na zijn priesterwijding rond 1190 was hij aartsdiaken van Bath en Londen en tenslotte kan

Seite 291

75 bijschrift): boven het vruchtbare land met een rij bomen en planten in volle bloei, onder een groep vreedzame dieren die samen drinken uit één wel

Seite 292

76 Grieks-Romeinse kunst van het Middellandse Zeegebied, waardoor de middeleeuwse kunstenaars meer of minder direct geïnspireerd zijn.213 Naar mijn g

Seite 293

77 derlijk dat dergelijke oosterse boomtypen juist in deze eeuw van nauwere contacten door het Westen werden overgenomen.216 Terug naar Erdmann: co

Seite 294

78 zien die zo kenmerkend is voor de 12e-eeuwse ‘renaissance’. Deze boomafbeeldingen wijzen volgens Ladner vooruit naar de beroemde 13e-eeuwse miniat

Seite 295

79 hun buigzame stammen en gestileerde bladeren hebben volgens Avril hun voorlopers in de Engelse boekschilderkunst van de 12e eeuw. Als voorbeeld no

Seite 296

80 Romaanse initialen met palmetranken De ‘Perzisch-Byzantijnse’ palmetrank gaat uiteindelijk terug op de antieke wijnrank gecombineerd met Sassanidi

Seite 297

81 topbladeren en opbollende palmetbloemen tonen aanzetten tot plastische vormgeving door binnentekening en arcering, onder invloed van Rijnlandse vo

Seite 298

82 ranken. In de figuratieve scènes worden de typisch romaanse rankenbomen afgewisseld met andere gangbare boomtypen, met name de oudere gestileerde

Seite 299

83 Paasvoorstelling (fol. 46r) zijn de traditionele Salzburgse ‘modellen’ te ontwaren: links een tweedelige ‘Ottoonse’ schermboom op een hoge stam, i

Seite 300

84 Een ‘candelaberboom’ in de stijlfase van het Salzburgse Antiphonarium zien we op een sterk van dit hoofdwerk afhankelijke Martyrologium-tekening i

Seite 301

37 behoort, werd vooral in deze zuidoostelijke regio gecultiveerd, evenals het religieuze drama dat een plaats kreeg aan het einde van de verzameling

Seite 302

85 aangezet: groene en blauwe aardschollen, daarboven een groen gearceerde stam en rankwerk, waarbij de ornamentale palmetkruin een blauw-bruin gesch

Seite 303

86 De boomtypen op de figuratieve scènes van het ‘modelboek’ volgen de meer natuurlijke modellen van een kruinboom of een vertakte boom met blaadjes.

Seite 304

87 De vormentaal van de Millstatt-bomen is verwant aan die van de lentebomen in de Carmina Burana, ook wat het bonte decoratieve kleurgebruik betreft

Seite 305

88 spiraalrank omhoog, bestaande uit een slinger van kleine voluten die driedelige bladpalmetten omsluiten.245 Een ‘arboretum’ van romaanse boomvor

Seite 306

89 c.1220-30) bevinden zich twee exemplaren met hartvormige bladeren: op de liefdesscène van Dido en Eneas tijdens de storm en bij de hertejacht van

Seite 307

90 bladinvulling. Deze ‘kwadrering’ van de boomkruin bood de boekschilders de mogelijkheid tot snel werken, vooral als de vulblaadjes ook nog werden

Seite 308

91 meer ‘natuurlijke’ kruinbomen worden soms gecombineerd met ornamentale elementen als symmetrische ‘stambladeren’ waarop vogels zitten.259 De grote

Seite 309

92 architectuur, interieurs, objecten, textiel en boeken. Naast deze toepassing als ‘natuurlijk decor’ fungeren bomen en dieren als beeldelementen in

Seite 310

93 De weergave van de natuur Het idee dat de natuurlijke wereld onderwerp kan zijn van een voorstelling was ongewoon in de tijd van de kunstenaar. D

Seite 311

94 nachtegaal de meest typerende vogel. Voor het uitbeelden van deze dichterlijke topoi maakte de illustrator gebruik van even gangbare vormen en mot

Seite 312

38 ‘ansehnliche Handschrift’, vermoedde hij toch dat de verzameling eertijds in handen was geweest van reizende zangers, ‘in den Händen solcher umwan

Seite 313

95 De Vere: de uitbeelding van de Lente Gezien de illustratieve functie van de miniatuur is deze in de eerste plaats bedoeld als lentebeeld, in aans

Seite 314

96 waarbij Ver bloemen draagt, als bij de maandfiguren van de kalendercycli. Een verwante voorstelling is die van ‘moeder Aarde’ (Tellus, Terra, Cybe

Seite 315

97 (aperilis) van de lentebloesem wordt in de karolingische tijd overgenomen door Rhabanus Maurus maar ook door de schrijver-dichter Baldo, de vermoe

Seite 316 - OOFDSTUK VIER-2

98 In de krypte van de San Savino in het noordelijke Piacenza (eind 12e eeuw) is het de herder van April die twee bebladerde bomen vasthoudt.271 Het

Seite 317

99 De in St.Gallen of de Reichenau vervaardigde kopie van het ‘Martyrologium van Wandalbert’ (c.900) is een klein elegant zakboekje met bladgrote maa

Seite 318

100 De beeldmotieven uit de Lentevoorstelling De Buraanse schilder heeft de lentetijd in beeld gebracht in de vorm van een landschap, een concrete

Seite 319

101 Ornamentaal bladwerk met vruchten of koppen treffen we in de vroege 13e eeuw onder meer aan in de pentekenkunst van het Zuid-Duitse gebied, in de

Seite 320

102 Ook in de provinciaal-Romeinse kunst van het Rijngebied was het bladmasker een geliefd motief, met name in de wijnstreek rond de westelijke hoofd

Seite 321

103 toenemende mate de invloed gelden van de Franse gotiek.289 De fraaiste vertaling van de nieuwe vormentaal van Reims in een Duits bladmasker is te

Seite 322

104 groeiprocessen van de levende natuur, dat zich manifesteert in het ontspruiten van de planten uit de aarde, in de organische groei van de mens (m

Seite 323

39 andere daaruit af, ‘daß wir mit den Carmina Burana das bewundernswert reiche Repertoire einer Stätte mit hoher poetisch-musikalischer Kultur besit

Seite 324 - DIDO, ENEAS

105 De afbeelding van de scheppingsdagen kende gedurende de 12e en 13e eeuw een grote populariteit, vooral in de illuminatie van Bijbels en Psalters

Seite 325

106 opschieten uit de vlakke bodem en uit een steile rotswand.299 Het zesdelige scheppingsblad volgt Italo-Byzantijnse voorbeelden en de indeling in

Seite 326

107 en de lucht al soortgenoten bevinden. Het Genesisblad van de Salzburgse Bijbel uit Michaelbeuern (tweede kwart 12e eeuw) bevat een fraai voorbeel

Seite 327

108 Mundi wordt op de linkerbladzijde in pentekening zijn zesdagenwerk getoond, waarbij de schepselen hun schepper eer bewijzen en zijn zegen ontvang

Seite 328

109 begin van het aardse leven na de zondvloed: de uittocht uit de ark van Noach. De in Noachs ark verzamelde dieren trekken de wereld in om deze na

Seite 329

110 wilde dieren en geïllustreerde dierenboeken (als de Physiologus) voor dieren in hun natuurlijke omgeving. Voor de combinatie van planten en diere

Seite 330

111 herten, damherten, wilde ezels etc. (cervi, dame, onagri et cetera); ze gelijken op grazend vee (pecus), maar staan niet onder de hoede van de me

Seite 331

112 ‘natuurlijke historie’ is nog af te leiden uit de middeleeuwse tekstillustraties die zich over het algemeen beperken tot het natuurkundige aspect

Seite 332

113 De overlevering van de Duitstalige bewerkingen van de Dicta-versie beperkt zich zelfs geheel tot het Oostenrijkse gebied. De bekendste bron vormt

Seite 333

114 den: een strijdbare leeuw (tegenover een griffioen) en een adelaar met gespreide vleugels tussen de vogels (fol. 8v en 10r). Het ornaat van Göß

Seite 335

40 verzamelijver was wellicht toch de liefde voor de dichtkunst en de daaruit voortkomende wens van een groep clerici om de Latijnse poëzie van de af

Seite 336

115 Het prototype van deze weldadige boom stamt uit de Oriënt, waar symmetrische ‘levensbomen’ met vrucht-etende vogels vanouds als symbool van voors

Seite 337

116 uitgelaten sfeer die bij het losbarsten van de Lente hoort. Zelfs van de liggende hinde en haas gaat geen rust uit maar eerder gespannen afwachti

Seite 338

117 en klein jachtwild: het edelhert (met hinde) en de haas, ondanks het ontbreken van de laatste in het beestenboek zelf. Mogelijk hebben ook in de

Seite 340

119 HOOFDSTUK VIER-3-2 DE DIEREN VAN DE LENTE De dubbel-miniatuur van het lentelandschap vormt boven het luchtige domein van de vogels en onder het

Seite 341

120 rijdieren kan variëren blijkt uit de tekening van de elementen in een astronomisch verzamelhandschrift uit Prüfening bij Regensburg (c.1210-20):

Seite 342

121 robuuste kraaiachtige vogels met een forse snavel, kleine zangvogeltjes, hoenderachtige grondvogels en sierlijke vogels met lange halzen en staar

Seite 343

122 De maandfiguur van Februari herinnert aan de Romeinse staatskalender voor het jaar 354 (door de kalligraaf Filocalus), overgeleverd in latere tek

Seite 344

123 gen uit Rome houden de genii van de seizoenen natuurlijke attributen in handen, waarbij de vroege Lente wordt vertegenwoordigd door een zwaluw en

Seite 345

124 Het rond 1100 geborduurde Scheppingskleed van Gerona (Catalonië) toont aan de zijkanten de maanden van het jaar als actieve figuren (met een maan

Seite 346

41 nauwe relatie staat tot het oudere Paasspel uit Klosterneuburg (Stiftsbibl. CCL. 574, ca. 1200), eveneens een Augustijner koorherenstift.115 Het

Seite 347

125 Een koppel duiven als liefdespaar De vogels van de Lenteminiatuur zijn opvallend vaak in paren weergegeven, zoals bij het jaargetijde past. Welli

Seite 348 - OOFDSTUK VIER-3-1

126 die door het groenende woud weerklinkt vormt immers het hoofdthema de lentestrofen, die de miniatuur samenvattend illustreert. Een lyrisch lente

Seite 349

127 boven elkaar op de twee feestscènes. Het Meifeest wordt op de achterzijde vervolgd met een riddertoernooi, waar Riwalin en Blantscheflur elkaar (

Seite 350

128 maar waaraan hij niet kan deelnemen, omdat zijn leed om de verloren minne hem daarvan uitsluit. Hij reageert zelfs niet op de eekhoorn die speels

Seite 351

129 een verliefde vrouw de vreugdevolle lentenatuur met haar eigen bedrukte stemming en richt zich dan in de slotstrofe smekend tot haar beminde. Ze

Seite 352

130 jonge liefdesgod Amor, zoals CB 87 beschrijft: Nu is er alom het gekwetter van de vogels; nu vliegt Amor - de gevleugelde knaap met de pijlkoker

Seite 353

131 omhoogkrult. De ongekleurde witte partij - met vooral tamme dieren - bevat een opvallende groep vrouwtjes die hun jongen zogen, waaronder een lig

Seite 354

132 daarom heersersdeugden als dapperheid en kracht (fortitudo), grootmoedigheid (magnanimitas) en rechtvaardigheid (iustitia), maar als keerzijde oo

Seite 355

133 de tekst over de leeuw (lewe) en de illustratie van diens eerste natuur: Wanneer de leeuw in de bergen loopt of door de diepe wouden dwaalt en ja

Seite 356 - Erdmann 1950-1, pl. XIII

134 en de plantengroei, die hier in nauwe samenhang worden getoond: de levenslustige leeuw is bijna verweven met de woekerende rankenboom. Als een ge

Seite 357

42 de wereld afsloot en die naast geestelijke steeds ook wereldlijke muziek heeft beoefend.122 Steer acht het niet uitgesloten, dat het handschrift o

Seite 358 - Pochat 1973, 132, 141-143

135 rond 1200 uit Zwettl en vervolgens Klosterneuburg.394 De jongste versie, met de meest vrije bewerking, toont de klassieke thema’s in vervlakte ro

Seite 359

136 gregarium, ad vehendum aptum) en tenslotte de hybride zoals het muildier van Phyllis (mulus), de onvruchtbare kruising tussen een ezel en een mer

Seite 360

137 De rond of na 1200 gedateerde sokkelschildering in de krypte van de Dom van Aquileia toont - in imitatie van een geborduurd wandkleed - vermoedel

Seite 361

138 heer van stand die te paard met zijn honden op een hert jaagt (afb. 77). Op het Physiologusblad (fol. 3r) verschijnt het paard (als halffiguur) i

Seite 362

139 paarden door stalknechten aan het publiek gepresenteerd. Zij tonen hun kunnen en temperament, in overeenstemming met hun namen: Pupillus (Knaap),

Seite 363

140 agrarische maandencyclus, die de Romeinse triomfboog van Reims decoreert (eerste helft 3e eeuw), plaatst het dekken in Juni. Het reliëfpaneel too

Seite 364

141 appelschimmel berijdt en zijn valk africht.423 Een fraaie monumentale tegenhanger is te zien op de MAIUS-schijf van het zuidelijke roosvenster aa

Seite 365

142 Het vitale edelhert met zijn vertakte gewei Het in heel Europa voorkomende wilde edelhert of roodhert (cervus elaphus) is een groot maar schuw

Seite 366

143 Oppianus vermeldt dat herten slangen doden en na slangebeten naar een rivier snellen ter remedie. In de versie van de Physiologus en Isidorus ver

Seite 367

144 verschrikte omkijken kan erop wijzen dat het hijgende hert tevens toevlucht zoekt voor zijn belagers uit de volgende verzen. In zijn houding lijk

Seite 368

43 verzameling omvat 47 Latijnse en 2 Latijns-Duitse liederen, die alle voor muzikale voordracht zijn bestemd en gedeeltelijk ook van neumen of melod

Seite 369

145 Op de beeldbladen met standen en beroepen in het modelboek van Rein (c.1210) wordt de hertejacht beoefend door een ruiter met honden, als kenmerk

Seite 370

146 wederhelft te richten, die lichtvoetig komt aansnellen, misschien wel van over ‘de bergen aan de horizon’ (2,17).446 Behalve in dit Oudtestament

Seite 371

147 mannelijke dansers die als herten en bokken verkleed zijn (met dierenvellen, maskers en horens), alsof zij zich in deze gedaante ook de dierlijke

Seite 372

148 vertoont invloeden uit Noord-Italië, waarmee contacten bestonden via het bisdom Brixen, en mogelijk is het zelfs gekopiëerd naar een Italiaanse B

Seite 373

149 In feite vindt het liefdesspel van de herten dus niet in het voor- maar in het najaar plaats en vormt het vroege voorjaar juist de periode van ge

Seite 374

150 speelschijf vervult de moerhaas haar rol van ‘voedster’ door languit op haar zij liggend haar twee jongen te zogen. Bij de rode ‘mannelijke’ part

Seite 375

151 opzichte van het zwijn. De vlot getekende dierfiguren zijn vermoedelijk overgenomen uit een dieren-boek of een verzameling diervoorbeelden.464 Oo

Seite 376

152 Al in de klassieke Oudheid behoorde de snelle haas, als klein wild ook wel lepusculus of ‘haasje’ genoemd, tot de favoriete jachtdieren, waarop m

Seite 377

153 vijand van de wijnstok. Vandaar dat in de Romeinse Filocalus-kalender (AD 354) de wijnmaand Oktober verbeeld wordt door een druivenmand en een ja

Seite 378

154 graf, waar een engel hen verkondigt dat de gekruisigde is verrezen uit de doden. De bijbehorende initialen vertalen deze blijde boodschap in een

Seite 379

44 einem der Schreiber des clm 4660 vorgelegen oder ist auf ihn zurückzuführen.’133 In de woorden van G. Bernt: ‘Die Carmina Burana haben als Sammlun

Seite 380

155 De Buraanse Lenteminiatuur: de ‘liefdesjacht’ der dieren Een soortgelijk compilatief karakter kenmerkt het even uitzonderlijke lentebeeld van de

Seite 382

157 HOOFDSTUK VIER-4 HET LIEFDESPAAR MET BLOEMEN: EEN LENTEBEELD De landschapsafbeelding combineert de onstuimige groei en bloei van de plantenwere

Seite 383

158 plechtige liefdesverklaring, bevestigd door een bloemengave. We zien een jongeman die zijn beminde een boeket overhandigt, met gevoel voor decoru

Seite 384

159 In de Duitse Minnesang-handschriften van begin 14e eeuw zien we een meer ingetogen versie van de liefdesdialoog, op het ‘portret’ van Reinmar von

Seite 385

160 liederenhandschrift, dat waarschijnlijk voor of rond 1300 in Zwitserland is ontstaan, toont ‘her Heinrich von Stretelingen’ op het liefdespad (af

Seite 386

161 bereikt is. Het uitwisselen van symbolische kransen vormt ook een favoriet thema op ivoren kistjes, spiegels, kammen en andere luxe objecten, die

Seite 387 - SILVAN, de

162 Naast de vier seizoenen behoorde ook de cyclus van de twaalf maanden vanaf de 1e eeuw tot de favoriete thema’s in de antieke decoratie, vooral in

Seite 388

163 beroemde monumentale cyclus. Als mogelijkheid oppert hij muurschilderingen in de thermen van Constantijn in Rome. Een beschrijving van diens ther

Seite 389

164 wijnvat van de Herfst en zit de baardige Winter met een glas wijn bij het vuur. De twee tegengestelde personificaties kunnen bij tweedelingen van

Seite 390

45 Latijnse als Duitse dicht- en liedkunst geïnteresserde clerici, door en voor wie de verzameling werd samengesteld. De laatste toevoegingen uit de

Seite 391

165 maandfiguren onder rondbogen op zuilen.518 Aan de porticus van de San Zeno in Verona (c.1138) vormen deze een doorlopende arcade op de architraaf

Seite 392

166 hem. Motieven als deze pauw wijzen nog op antiek-karolingische voorbeelden, die echter geheel zijn aangepast aan de mode en stijl van de 12e eeuw

Seite 393

167 De wat latere maandencyclus in het Baptisterium van Parma volgt hetzelfde iconografische model, maar in een meer verfijnde vormgeving. De figuurp

Seite 394

168 maandpaneel bloeiende rozen in laagreliëf zichtbaar. Wat we hier zien is de hoofs-middeleeuwse variant van de ‘klassieke’ bloemendrager van Mei.

Seite 395

169 Augsburg met schilderingen in laat-romaanse stijl (c.1220-30).534 De kalenderbladen zijn omraamd door een driedelige zuilenarcade met daaronder h

Seite 396

170 dingen in gekleurde pentekening. April en Mei zijn uitgesneden, maar een daarvan wordt nog als losse tekening bewaard: een lentemeisje dat aan de

Seite 397

171 verliefden door de bloeiende lentenatuur, geheel opgaand in hun minnegesprek. Uiteraard dragen zij de hoofse kledij van hun tijd, rijk geplooide

Seite 398

172 illustrator van de Codex Buranus tot voorbeeld gediend. In ieder geval vormt deze onwaarschijnlijke locatie, in een kloosterlijk Martyrologium, e

Seite 399

173 schone. De aanbidder verklaart haar zijn liefde met een bloemengave en de ‘Meibruid’ heeft zijn aanzoek welwillend aanvaard. Dit liefdesgesprek m

Seite 400

174 O Bloem, aanvaard deze bloem ... als teken van liefde Zo treffen we een religieuze tegenhanger van de Buraanse bloemenschenking aan in een verz

Seite 401

46 had dan de tegenwoordig gebruikelijke concertante uitvoeringen met alleen koor, solisten en orkest.146 Het Utrechts Universiteitsblad deed op 23 o

Seite 402

175 Augustinus-handschrift in Praag (c.1140) zien we hoe de meester zelf een muis verjaagt terwijl zijn leerling Everwinus zich onverstoorbaar over e

Seite 403

176 toch een subtiel effect op de weergave van beide figuren. Het verleidelijke schuilt in details als de openvallende split van de tunica, die de we

Seite 404 - E DIEREN VAN DE LENTE

177 De keuze van de samenstellers en illuminator om de beide hoofdcomponenten van de liefdesliederen, de lente en de liefde, gescheiden in beeld te b

Seite 406

179 HOOFDSTUK VIER-5 WIJN EN SPEL: EEN CYCLUS VAN SPEELS VERMAAK Het slotthema ‘drinken en spelen’ wordt verbeeld door vier samenhangende scènes: ee

Seite 407

180 reproducties van alle drie de spelminiaturen om het thema ‘Feest’ in de hoofs-ridderlijke literatuur te illustreren.562 Vanwege hun eigentijdse

Seite 408

181 Potatores - De ‘lustige’ drinkers De strookvormige miniatuur van de Wijndrinkers is als enige in de Codex Buranus gevuld met halffiguren, als fu

Seite 409

182 Zo wordt in de Carmina Burana de drinkpartij van de potatores voorgesteld als een ‘Drinkersmis’, een Misparodie in beeld. Naar analogie van de ‘S

Seite 410

183 Dat dit luxe type drinkkelk (van edelmetaal) ook in een profane context werd gebruikt blijkt uit de miniaturen met de bordspelers, waar een bedie

Seite 411

184 Eneide worden de drinkbekers al wel geheven maar het moment van het drinken zelf wordt niet uitgebeeld. Volgens de hoofse etiquette is het nameli

Seite 412

47 HOOFDSTUK TWEE BESCHRIJVING VAN HET HANDSCHRIFT EN DE MINIATUREN 1. Beschrijving van het handschrift De codex Clm 4660 is een boek van handzaam

Seite 413

185 gezondheidsleer terecht. Een neerslag hiervan zien we bijvoorbeeld in het prachtexemplaar van de Tacuinum sanitatis in medicina, dat eind 14e eeu

Seite 414 - 99-102

186 Kalenderafbeeldingen met drinkers De drinkliederen van de Carmina Burana zijn voor een groot deel in de koude tijd van het jaar gesitueerd, wann

Seite 415

187 de nieuwe wijn.’587 Een vergelijkbare cyclus is in deze periode in het Griekse gebied te vinden, bijvoorbeeld op het vloermozaïek uit het schip v

Seite 416

188 Na de 10e eeuw keert de wijnproever van de Herfst maar zelden terug in de middeleeuwse maandencycli, die de voorkeur geven aan de ‘werken’ van de

Seite 417

189 drinkt de nieuwe wijn en eet daarbij verse vijgen, geplukt van de struik naast hem. De beker wordt hem aangereikt door een schenker die de wijn t

Seite 418

190 Daarnaast wordt de maandfiguur van December of Januari ook als een drinkende heer weergegeven, zoals in Parma de wijnproever van Oktober. Zo omva

Seite 419

191 Duitstalige liedgenre was in de eerste helft van de 13e eeuw begonnen met lofzangen op het wijndrinken zoals de Weinschlund van de Stricker en de

Seite 420

192 woorden niet besteed: zij vieren liever de huidige ‘vrije tijd’ om de aardse gelukzaligheid van de wijnroes te ondergaan. Wijn bij het spel D

Seite 421

193 de bediening, met een staf als teken van hun hoge ambt. Een vroege illustratie van deze ‘tafeldienst’ bij een middeleeuws hoffeest is te vinden i

Seite 422

194 op de deksel en onder de schaal een hier wel erg kleine voet. Dergelijk zilveren vaatwerk, vaak nog verguld, maakte deel uit van het kostbare taf

Seite 423

48 8,5 mm, zodat er voldoende plaats over is voor muzieknotatie boven de tekst (zie onder). De liniëring is dun met inkt uitgevoerd en bestaat uit 22

Seite 424

195 vergezeld van een man met een proefbeker (hanap), gevolgd door een hele reeks van dergelijke wijnschenkers langs de zijkanten.624 De waard op h

Seite 425

196 De Carmina Burana: wijn bij het spel De combinatie van spel en wijn, die in de kroegliederen van de Carmina Burana zo’n grote rol speelt, blijkt

Seite 426

197 van de dobbelstenen goed uit te laten komen. Op dezelfde manier wordt op de andere twee spelminiaturen het speelbord omhooggeklapt om het bord en

Seite 427

198 festival der dienaren en slaven (Feriae servorum), die tijdelijk zekere vrijheden genoten, waaronder het privilege om op voet van gelijkheid met

Seite 428

199 Deze algemene speelvreugde weerspiegelt zich echter niet in de middeleeuwse beeldtraditie, die het dobbelspel vooral van zijn kwalijke kanten laa

Seite 429

200 De morele traditie: dobbelen als verwerpelijk gokspel Tot de 13e eeuw blijven afbeeldingen van het dobbelspel schaars. Het is opvallend dat de v

Seite 430 - Schupp 1982, 12, afb. 2

201 afhankelijk van het fortuin en geleid door het verstand.644 In het beeldprogramma van dit Lombardische mozaïek worden ze verbonden met het daarui

Seite 431

202 Van Straatsburg is bekend dat er in de 15e eeuw een speelhuis was, ingesteld door het stadsbestuur om het valsspelen en de daarmee gepaard gaande

Seite 432

203 Beieren. Met hun herkomst uit het Zuid-Duitse gebied en hun datering rond het midden van de 13e eeuw nemen zij in de moraliserende beeldtraditie

Seite 433

204 door alle ‘spelerszonden’ te tonen. De twee speelscènes stammen van de eerste en de derde illustrator, die het grootste deel van de cyclus uitvoe

Seite 434

49 pagina (fol. 95v: h1), een nieuw gedicht (fol. 29r: h2, CB 73) of zelfs met een nieuwe strofe (fol. 41v: h1, CB 92, str. 45).151 Van de behouden g

Seite 435

205 Sachsenspiegel - het verspelen van geld en goed In de Sachsenspiegel tekende Eike von Repgow het Land- en Leenrecht van Saksen op, eerst in het L

Seite 436

206 ede moet verklaren niet meer met valse stenen te dobbelen of een ander misdrijf te begaan, want dan wacht hem de doodstraf. De afbeelding op fol.

Seite 437

207 van kleding wordt op laconieke toon als een bij het spel horend risico opgevoerd. De ‘naakte’ speler behoort evenzeer tot de vaste topoi van de d

Seite 438

208 drietal spelen wordt in de contemporaine hoofse literatuur vaak in één adem genoemd, soms nog aangevuld met het molenspel.664 De Buraanse kunste

Seite 439

209 behoren sport en spel, aldus Alfonso. Buiten beoefenen velen fysieke sporten als het steekspel te paard, worstelen en vechten, steen- en speerwer

Seite 440

210 zijn atelier in en liet de verklarende diagrammen van alle spelbesprekingen uitwerken tot een geschilderd speltafereel, resulterend in een platen

Seite 441

211 vormen van het kansspel door beschaafdere personen als tijdverdrijf worden beoefend. De afbeeldingen verraden de invloed van uiteenlopende beeldt

Seite 442 - OOFDSTUK VIER-4

212 Dobbelen als speels vermaak Dat een dergelijke neutrale of zelfs positieve weergave van het dobbelspel deel uitmaakt van een bredere beeldtradit

Seite 443

213 HOOFDSTUK VIER-6 HET BORDSPEL: SCHAAK EN TRIKTRAK Het onderwerp van de laatste twee spelminiaturen is een meer verheven bordspel, dat centraal

Seite 444

214 als een gepassioneerde schaker, die enkel in dit strategische spel afleiding vond.685 De introductie van schaak in Europa gaat aan de periode van

Seite 445

5 INHOUDSOPGAVE Deel 1 Woord vooraf Inleiding Hoofdstuk Een Status quaestionis - Stand van het onderzoek Hoofdstuk Twee Beschrijving van het

Seite 446

50 door een latere hand. Bij de strofenliederen is vaak alleen de beginstrofe van neumen voorzien, maar soms ook de gehele tekst. Slechts bij 11 stu

Seite 447

215 bewaard gebleven schaakborden zijn voornamelijk rijk gedecoreerde pronkstukken, waarbij het schaakbord vaak nog met andere speelborden (voor trik

Seite 448

216 Ongeveer gelijktijdig met de Akense schenking van Hendrik II vermaken twee leden uit de familie van de markgraven van Catalonië hun schaakstukken

Seite 449

217 klooster en een burcht aan de rand van het Zwarte Woud kleinere versies aangetroffen van dit klassieke type (met cirkelslagmotieven). Het kunnen

Seite 450

218 vormgeving (afb. 117). Het gebruikte materiaal, hertshoorn in plaats van ivoor, doet echter vermoeden dat het ook hier om middeleeuws-westerse na

Seite 451

219 bovenzijde is algemeen in gebruik voor de loper en het paard, maar de vormgeving van de uitstulpingen op hun ‘voorhoofd’ kan verschillen. Ook hie

Seite 452

220 klein, hoekig voetstukje aan de ronde hoofdvorm. De robuuste Piacenza-stukken doen denken aan de statige schaakfiguren, die in de 12e eeuw in de

Seite 453

221 zwart-wit geblokte borden met stukken in goud en rood. Koning en vizier/dame hebben eveneens de vorm van hoge cilinders, hier bekroond door een k

Seite 454

222 Deze antieke speltermen, te vinden in vroege canonieke teksten, blijven in latere kerkelijke verorde-ningen terugkeren, hoewel deze inmiddels bet

Seite 455

223 graaf Siboto van Falkenstein in de late 12e eeuw van zijn familiebezit liet opstellen, worden per burcht steeds een of meer schaakborden (scahzab

Seite 456

224 de gekleurde partij naast rood ook bruin, groen, blauw, zwart en goud werd toegepast.731 Een enkele maal werden ook restanten van een houten trik

Seite 457

51 gebruikt en h1 groene. In de delen van het handschrift waar h1 de kleine kapitalen heeft aangebracht, ontbreken vaak de titels en zijn de grote in

Seite 458

225 lijsten aan de lange speelzijden: een rand met halfronde uitsparingen, als ‘huizen’ waarin de schijven worden opgesteld, onderbroken door een lan

Seite 459

226 het houten bord uit Freiburg, de daarmee vergelijkbare triktrakafbeelding in het Manesse-handschrift uit het begin van de 14e eeuw en de vele lat

Seite 460

227 De titelheld Ruodlieb verlaat zijn vaderland (patria) om in dienst te treden van een buitenlandse koning. Als gezant van deze ‘grote koning’ (rex

Seite 461

228 Enkele 12e-eeuwse Franse romans verhalen over de opleiding van hun jonge held tot ridder. Tot het adellijke onderricht behoren naast typisch ridd

Seite 462

229 en de opkomende handelssteden van Italië. Inmiddels waren schaak en triktrak alom bekend en geliefd, zodat zowel materiële resten van speelsets a

Seite 463

230 ‘speeltafel’ met een voor dit soldatenspel toepasselijke tekst: VIRTVS IMPERI/ HOSTES VINCTI/ LVDANT ROMANI .746 Het antiek-Romeinse spelvignet

Seite 464 - OOFDSTUK VIER-5

231 Naast de zithouding van de spelers wijst ook de combinatie met wijndrinken, muziek en dans erop dat het spelmotief, evenals het bordspel zelf, te

Seite 465

232 drinkbeker worden de genoegens van wijn, muziek en spel gecombineerd in een feestelijke hofentou-rage.750 Na de Arabische verovering van het Per

Seite 466

233 Schaak: een spel uit het Oosten Tot op heden zijn geen schaakafbeeldingen uit het oude Perzië of uit de vroege periode van het islamitisch-Arabi

Seite 467

234 Het hoge en smalle middenschip werd overdekt door een duizelingwekkend driedimensionaal ‘stalac-tietengewelf’ van hout, waarvan elk vlakje van ee

Seite 468

52 Het Lentelandschap Het Lentelandschap (fol. 64v: afb. 3) vormt de enige volblad-miniatuur van het handschrift. Het is in feite een dubbel-afbeel

Seite 469

235 Het schaakpaneel In deze overdadige cyclus van hofactiviteiten is ook een schaakpartij opgenomen (afb. 123). Het rechthoekige schaakpaneel toont

Seite 470

236 De Europese beeldtraditie van het schaakspel Met het spel en zijn regels kwamen ook de eerste schaakafbeeldingen Europa binnen als import uit d

Seite 471

237 de Moren kreeg het thema van Karels ‘schaakspel om Saragossa’ in de 12e eeuw een nieuwe actualiteit, waarna de christelijke reconquista door de S

Seite 472

238 wat in de Codex Buranus enkel bij de linkse triktrakspeler het geval is, terwijl de overige drie spelers daar een meer frontale zithouding aannem

Seite 473

239 De spelscènes van het zwart-wit-mozaïek zijn incompleet. Aan de buitenzijde is ongeveer een derde van de voorstelling afgesneden, waardoor zowel

Seite 474

240 vormgeving en maakt bovendien deel uit van een complex allegorisch programma. Zo documenteert dit uit de late 12e eeuw daterende vloermozaïek de

Seite 475

241 noord gepaard ging met een omvormingsproces van een oosters naar een westers beeldtype. Hetzelfde geldt voor de wandschildering in Le Puy, die ee

Seite 476

242 aangezegd, want er rest verder nog maar een enkel stuk op het bord.774 Verwijst het matzetten in de (onopgeloste) ‘schaakrebus’ misschien naar ha

Seite 477

243 Walter van Gloucester rond 1100 in zijn bezit had en uit vondsten van speelschijven en schaakstukken in 12e-eeuwse Normandische burchten. Scha

Seite 478

244 spiegelbeeldig uit een standaardmodel overgenomen, want in de huidige compositie spelen beide schakers met de linkerhand. In de wat latere Codex

Seite 479

53 scheut met een enkel hartvormig blad, waarvoor een derde vogel van hetzelfde type de heuvel opspringt. Aan de voet van de heuvel groeit rechts teg

Seite 480

245 aan de lange Trojaanse strijd tal van nuttige en aangename uitvindingen te danken, waaronder schaak en triktrak, en het dobbelspel: Eschès et tab

Seite 481

246 met een schaakscène van een koning en zijn leermeester, met op de achtergrond twee vrouwelijke toeschouwers.789 Histoire d’Outremer - schakende

Seite 482

247 In boek 14 verhaalt Willem van Tyrus over de aanslag op de graaf van Jaffa, die zwaar gewond raakte terwijl hij zat te dobbelen in de straten van

Seite 483

248 derd dat de schetsmatige ondertekening nu het beeld bepaalt. Op het vierkante speelbord is geen vlakverdeling aangegeven, wel zijn enkele schaaks

Seite 484

249 graaf van Lüenz (nr 40) beoefent met zijn gezellen het steenstoten en de jonge Meißner (nr 113) het balwerpen, waarbij een bediende voor wijn en

Seite 485

250 tingen, maar ook voor toernooi- en strijdscènes.800 Het figurenschema van de schaakpartij tussen Wilhelm en Amelie kan zijn gebruikt voor het tri

Seite 486

251 erotische attributen in de ‘minnestrijd’ geduid worden, al zou de toren (burcht) van de dame dan eigenlijk van haar eigen kleur (zwart) moeten zi

Seite 487

252 grote verzameling van 128 eindspelen (mansûba). Deze worden in dit handboek volgens een vast patroon besproken aan de hand van een eenvoudig maar

Seite 488

253 specifieke schaakproblemen en hun mogelijke oplossingen. Het probleemschaak richtte zich voorna-melijk op het hoogtepunt van de schaakpartij, de

Seite 489

254 hun namen ingetekend, in de kleuren rood en zwart. Ook in de tekst worden de partijen in rood en zwart onderscheiden (vermeil, neir). Naast zes d

Seite 490

54 de ranken van het rechterdeel van de kruin concentreren zich diverse vogels, waaronder drie rustende ‘tortelduifjes’. Op de toprank staat een voge

Seite 491

255 kerkelijke ambten en met verstand van het schaakspel.’813 De combinatie van schaak en recht herinnert aan het vloermozaïek van Piacenza en de 12e

Seite 492

256 oorsprongsverhaal zijn alle mogelijke associatie van het schaakspel samengebracht: strijd, liefde, hoofsheid, antieke historie en Lombardisch spe

Seite 493

257 ‘schaakpatroon’ ingekleurd en voorzien van ingetekende en gekleurde (zelfs vergulde) schaakstukken. De meer representatieve exemplaren bevatten o

Seite 494

258 het aantal velden op het schaakbord. Na de inleiding zijn deze bladen gevuld met een verzameling van 103 schaakproblemen (fol. 5-64). Het betreft

Seite 495

259 van het speelvlak te plaatsen, zodat er voldoende ruimte is voor een breed scala aan gebaren buiten het bord. Daarbij hebben de spelers de functi

Seite 496

260 Cappella Palatina in Palermo en een vergelijkbaar Arabisch model lijkt de inspiratiebron te zijn geweest voor deze schaakscène tussen koning en d

Seite 497

261 Een westerse schaakgroep: spel en wijn De cyclus van schaakminiaturen in Alfonso’s codex opent echter met een groep van het westerse type: Spaan

Seite 498 - OOFDSTUK VIER-6

262 beproeft, en het ervoor benodigde spelmateriaal.835 Hierna volgt de beschrijving van een twaalftal spelvormen en enkele varianten, geïllustreerd

Seite 499

263 Het lijkt mij heel goed mogelijk dat Alfonso’s kunstenaars voor deze tablas-afbeeldingen een standaardmodel ter beschikking hadden, dat in een ou

Seite 500

264 speler, een oudere heer met hoofddeksel, werpt twee dobbelstenen op en zijn jongere opponent verschuift een speelsteen.839 Een iets later handsc

Seite 501

55 Als laatste verso-zijde van het katern heeft het blad zwaar te lijden gehad: het is erg vies en vlekkerig, met vette vingerafdrukken links aan de

Seite 502

265 beoefend en bezongen, het edele schaakspel geleerd en triktrak gespeeld. De eerste Europese teksten over het schaakspel zijn door monniken in klo

Seite 503

266 en een wijnschenker (met staf), een bijfiguur die in alle spelminiaturen van de Codex Buranus optreedt. De Buraanse spelminiaturen: lering en v

Seite 504

267 speelse wijze de culturele ambities van een geestelijk én adellijke elite te verbeelden. Het wereldlijke uiterlijk van de spelers past zowel bij

Seite 505

268 aan de rechterzijde van het bord vormt een terugkerend element op spelcomposities uit Noord-Italië. Dit kenmerkende zetgebaar zagen we eerder op

Seite 506

269 miniaturen in de Codex Buranus, die wel vaker de vroegst bekende beeldbron vormen voor een bepaald middeleeuws thema of motief dat pas later een

Seite 508

271 HOOFDSTUK VIJF SYNTHESE: DE BEELDCYCLUS IN CONTEXT De woord-beeld relatie in de Carmina Burana Woord-beeld samengevat Het originele bestand

Seite 509

272 inhoudelijke zwaartepunten van de lyriekverzameling. Binnen deze thematische groepen staan de liederen, verzen en afbeeldingen als onafhankelijke

Seite 510

273 liederen en liedgroepen toepasbaar. Zo vertegenwoordigen de koningen op Foruna’s rad de mens, niet enkel als machthebber maar ook als dichter, mi

Seite 511

274 In tegenstelling tot deze klassieke thema’s kende de uitbeelding van de lentenatuur geen traditie als zelfstandige voorstelling. De bladvullende

Seite 512

56 De bomen De sterk gestileerde bomen zijn voornamelijk in bruine inkt opgezet, soms in rood of met rode details. In het bovenste woud is het blader

Seite 513 - 1970, 483

275 toegankelijk gemaakt en in beeld gebracht. Het liefdespaar met bloemen lijkt afkomstig uit de eigentijdse kalendertraditie; in aristocratische pr

Seite 514 - VENARI LAVARI/

276 oordeel geveld. De reden voor de opname van dit thema is niet waarschuwen voor excessieve liefde en de doodzonde van zelfmoord, maar interesse in

Seite 515 - ROMANI

277 Als geheel accentueert het ‘beeldprogramma’ de wereldlijke inhoud van de lyriekverzameling. De liederen richten zich op deze wereld, zo verkondig

Seite 516

278 een religieus zangboek voor ogen, te gebruiken in dezelfde kring van geestelijk hof en school, maar bij een andere gelegenheid. Het resultaat is

Seite 517

279 drinkers gevolgd door dobbelaars in een herberg. De ongewone lenteminiatuur en drinkersparodie zijn vermoedelijk eigen creaties van de kunstenaar

Seite 518

280 In de beeldkeuze van de Carmina Burana herkennen we ditzelfde imago van de litteratus: door zijn afkomst ver verheven boven de zwoegende rusticu

Seite 519

281 ten, maar wordt ook gevolgd door de kunsthistorici P. en D. Diemer, die wezen op de contemporaine muurschilderkunst in Brixen en de profane Iwein

Seite 520

282 het Augustijner koorherenstift St.Florian (diocese Passau), naast gotische heersersportretten in gewassen pentekening. Ook hier zijn initiaal en

Seite 521

283 monnik op zijn sterfbed (met een bede om zieleheil). De panelen zijn afwisselend ingekleurd, boven groen-in-blauw en onder blauw-in-groen, zonder

Seite 522

284 waardoor de figuren meer reliëf krijgen en zich losmaken van het achtergrondvlak.854 De vloeiende modellering van de gewaadplooien kan wijzen op

Seite 523

57 De vogels Het bovenste landschap wordt enkel bevolkt door vogels, die opvallen door hun bonte kleuren. Ze zijn over het algemeen getekend met brui

Seite 524

285 bijvoorbeeld bij de tweezonige Artes-schilderingen in de Historia Scholastica uit Scheyern (c.1230-40), met figuren tegen blauw-groene achtergron

Seite 525

286 grondschildering van de Italiaanse bijbels vond kort daarna echter wel toepassing in de ‘bijbelse’ beeldcyclus van het even monumentale Antiphona

Seite 526

287 palet van groen-blauw-rose, zoals de Buraanse drinkersminiatuur. De verhalende friezen van de zijwanden laten een verdere onderverdeling van het

Seite 527

288 een model voor Fortuna’s majestueuze zithouding en strenge blik, evenals de uiterst verfijnde vormge-ving van haar opgeheven rechterhand (afb. 14

Seite 528

289 de kleding en het mannenkapsel uit meerdere gebolde lagen.871 Dit meerlagige kapsel komt overigens ook al voor bij de mannelijke zodiac-figuren i

Seite 529

290 Elisabeth Klemm heeft in haar bespreking van de Carmina Burana de aandacht gevestigd op de connecties met de kunst van Italië. De Italiaanse insl

Seite 530

291 gesticht. Na de overname van het complex door de Duitse ridderorde (sinds 1213 in Friesach) werd het interieur van de kerk overgeschilderd in een

Seite 531

292 In de eerste helft van de 13e eeuw vinden we deze massieve Salzburgse stijl ook in Brixen/Bressanone (Zuid-Tirol), waar aartsbisschop Eberhard II

Seite 532

293 vermoedelijk te verklaren vanuit een gemeenschappelijke basis in de Salzburgse school, de dominante westers-hoofse mode-idealen van de tijd en de

Seite 533

294 van Hocheppan, waar het rijpaard van de hoofse ruiter grotendeels is weggevaagd maar de ranke windhonden en het sierlijk omkijkende hert behouden

Seite 534

58 middenvlak de atmosferische achtergrond van het tafereel. De heuvels (met bomen) boven en de bomen beneden bevinden zich op de voorgrond en het vo

Seite 535

295 Historia Scholastica (c.1230-40) en daarna in een meer westerse vormgeving in de Glossarium-codex uit 1241, die verder alleen maar pentekeningen

Seite 536

296 wetenschappers bij de drie clerici aan hun voeten.889 Voor de plastisch-soepele gewaadstijl van deze meer klassiek geklede geleerden vinden we op

Seite 537

297 Gregorius IX’, uitgevaardigd in 1234, en wel als titelafbeelding bij boek 4: De sponsalibus. Deze officiële teksten voor het kerkelijk recht werd

Seite 538 - 335; Petzold 1986, 77 ff

298 Carmina Burana, de befaamde Carmina Cantabrigiensia, een zeer diverse verzameling van geestelijk en wereldlijk liedrepertoire, waaronder lofdicht

Seite 539

299 figuren eromheen. Deze rijsplit vergroot niet alleen de bewegingsvrijheid bij het paardrijden en lopen, maar biedt de mannen ook gelegenheid hun

Seite 540

300 13e-eeuwse epencycli van de Eneide (c.1230), de Tristan en Parzival (c.1240-50) dragen de meeste mannen geheel zwarte beenlingen, sommigen bruin

Seite 541

301 Ook op de schaakminiatuur lijkt sprake van een instructie-situatie, gepaard aan een rang- en leeftijdsverschil tussen beide spelers, dit in tegen

Seite 542

302 Deze heilige maagd staat echter geheel frontaal en houdt een bloemvormige kruisstaf als attribuut in de hand. Onder haar opgeheven arm is een vle

Seite 543

303 De ‘klassieke’ Fortuna De meest traditionele vrouwenfiguur uit de Carmina Burana is de allegorische Fortuna, die zich nog enigszins laat invoegen

Seite 544

304 voltrekt zich in middeleeuwse aankleding en de vorstelijk getooide hoofdpersonen, Dido en Eneas, ogen in kleding en uiterlijk (en deels in hun ho

Seite 545

59 zijn onderlinge vergelijkingen beter mogelijk. Met name de weergave van de menselijke figuur komt tot in details sterk overeen: de houdingen van d

Seite 546

305 komt overeen met het omgorde kleed van Dido, voorzien van manchetten met eenzelfde parelrand-ornament als in de Carmina Burana. Alleen Judith is

Seite 547

306 en de Saksische Willehalm (beide c.1270-75) is het Gebende een vanzelfsprekend attribuut voor hoofse dames geworden. De jonge meisjes sieren zich

Seite 548 - : triktrak, vgl. 62

307 echtpaar van Rein en de adellijke stichter van de (mogelijk uit Seckau afkomstige) Weense Genesis. Ook bij de tronende Artes uit Scheyern lijkt e

Seite 549

308 zien. Daar zij geen verhullende mantel dragen gaat alle aandacht naar de nauw aansluitende modieuze gewaden, die hun jeugdige lichaamsvormen acce

Seite 550

309 beslagplaten (c.1250). De ceintuur was beslagen met maar liefst 36 sierstaafjes, waarvan er twee voorzien zijn van gordelogen om een beurs of tas

Seite 551

310 haar zeer smalle gordel valt eveneens langs het been naar beneden. Op de voorstelling van het hoofse liefdespaar heeft de jongeman eenzelfde riem

Seite 552

311 gedaante van hoofs geklede jongelingen. De Romeinse ependichter Ennius draagt een nauwgesneden bovenkleed van kostbare zijde (met ingeweven rozet

Seite 553

312 van hun kleed is zo doorzichtig, dat ondergoed en zwarte beenlingen door de rok heenschijnen. De dichter Dietmar von Aist is voorgesteld als een

Seite 554

313 plooien afhangend tot de uitwaaiering rond de voeten. Wat wel overeenkomt is het accent op het middel, de slanke contouren en de vloeiend vallend

Seite 555

314 De kledingstijl van de Carmina Burana past in het algemene beeld van de matiging van de extreme snitvormen en opsmuk na 1200, wanneer de brede si

Seite 557

60 miniatuur mede kan hebben bepaald. In ieder geval lijkt hier sprake van een nauwe samenhang tussen het ongewone beeldformaat van de miniatuur en d

Seite 558

315 de Byzantijnse prinses Theophanu (972) vinden we deze sierboorden, inclusief de ‘mouwbanden’ ook in het vorstelijk ornaat van de Duitse keizers,

Seite 559

316 baardige ‘Byzantijnen’ met een brede brokaatband om de mouw.978 Maar het is vooral in het Mediterrane gebied, in Venetië, aan het Staufenhof in Z

Seite 560

317 Ancienne (c.1275), daarna gaat de Frans-gotische importstijl domineren in de beeldcyclus waarin ook het Dido-verhaal is opgenomen.984 Het gebrui

Seite 561

318 draaiwerk) en rijkgedecoreerde bankzetels met een comfortabel kussen. In vormgeving en ornamenta-tie volgen deze objecten en meubelstukken de sta

Seite 562

319 Een geestelijk hof: tussen Salzburg en Venetië De voorwaarden voor de boven geschetste clericale hof- en schoolcultuur zijn in meerdere centra i

Seite 563

320 arme standsgenoten ontvangen zijn donaties: in de rechtenstad Bologna twee vagi uit Zwaben, een student uit Aquileia en een clericus uit Saksen.

Seite 564

321 opdrachtgever van het Nibelungenlied te verbinden. Ze verbeelden een nog onopgehelderd heldenverhaal, vermoedelijk een kruisvaardersroman, helden

Seite 565

322 onder zijn supervisie van tekstverklarende illustraties in de marge voorzien. Dit type marge-illustraties in pentekening is heel gebruikelijk in

Seite 566

323 AFBEELDINGEN

Seite 567

324 1. Codex Buranus, fol. 1r: Rad van Fortuna

Seite 568

61 beheerst. Doordat Fortuna temidden van haar rad troont, vertrapt zij in zekere zin ook haar slachtoffer: de ongelukkige onder het rad bevindt zich

Seite 569

325 2. Codex Buranus, fol. 77v: Dido en Eneas

Seite 570

326 3. Codex Buranus, fol. 64v: Lentelandschap

Seite 571

327 4. Codex Buranus, fol. 72v: Liefdespaar

Seite 572

328 5. Codex Buranus, fol. 89v: Wijndrinkers

Seite 573

329 6. Codex Buranus, fol. 91r: Dobbelaars

Seite 574

330 7. Codex Buranus, fol. 91v: Triktrak of tafelspel

Seite 575

331 8. Codex Buranus, fol. 92r: Schaak

Seite 576

332 9. Codex Buranus, fol. 39r: Marge-illustratie bij ‘Phyllis en Flora’

Seite 577 - Hocheppan:

333 10. Initialen met rankwerk (fleuronnée)

Seite 578

334 11. Idem, titel ‘De Vere’ (63r) en V met jongenskop (64r)

Seite 579

62 linkerbeen over de horizontale spaak van het wiel geslagen, terwijl hij met zijn linkerhand het podium van de troon grijpt en met zijn rechterhand

Seite 580

335 12. Initialen met ingetekende gezichten

Seite 581

336 13. Reconstructie Fortuna-bladen: fol. 48v-1r

Seite 582

337 14. Plaatsing van de miniaturen binnen de katernen

Seite 583

338 15. Kaart: Oostenrijk 976-1526

Seite 584

339 LIJST VAN AFBEELDINGEN De Carmina Burana 1-13: Codex Buranus: München, Bayerische Staatsbibliothek, Clm 4660 1. Codex Buranus, fol. 1r: Rad v

Seite 585

340 23. Flavius Josephus, Bellum Iudaicum: titelafbeelding (Scheyern, tegen 1240); München BSB Clm 17404, fol. 203v: belegering van Jeruzalem en Rad

Seite 586

341 50. Hooglied-commentaar van Rupert van Deutz (derde kwart 12e eeuw); Göttweig, Stiftsbibl. Cod.49, fol. 2r: dedicatie-afbeelding (Ratisbona sacra

Seite 587

342 80. Een amoureus hertenpaar in de marge van het ‘Delisle Psalter’ (East Anglia, c.1308); Londen BL Arundel 83, fol. 14r: onder psalm 1 (Randall 1

Seite 588

343 103. Blad met penneschetsen uit Göttweig (eind 12e eeuw): initiaal D, palmet, dierfiguren (leeuw, hond/haas, aanzet van roofvogel) en een jonge w

Seite 589

344 126. Vloermozaïek van Piacenza (laat 12e eeuw): schaakpartij; zie boven: afb. 107/108 (Kluge-Pinsker 1991, omslagafbeelding) 127. Kathedraal van

Seite 590

63 de kuitlijn van de onderbenen, de palm en rug van de handen, de plooien van de hals, de schaduw onder de kin, de welvingen van voorhoofd, neus, wa

Seite 591

345 152. De Ywain-cyclus in kasteel Rodenegg, bij Brixen (tweede kwart 13e eeuw): treurende koningin Laudina bij de begrafenis van haar man Askalon (

Seite 593

347 BIBLIOGRAFIE Afkortingen CB: Carmina Burana HV: LMA: J.M. Plotzek, Lexikon des Mittelalters 2, München/Zürich 1983 Londen BM: Londen, Britisch

Seite 594

348 Overige literatuur 400 Jahre 1958: 400 Jahre Bayerische Staatsbibliothek, München 1958 (tent. München, Bayerische Staatsbibliothek) Adhémar 1936

Seite 595

349 Beatie 1967: B. Beatie, ‘Macaronic Poetry in the Carmina Burana’, Vivarium 5 (1967), 16-24 Bechmann 1991: R. Bechmann, Villard de Honnecourt. La

Seite 596

350 Boeckler 1949: A. Boeckler, Kunst des frühen Mittelalters, tent.cat. Bern 1949 Boeckler 1950: A. Boeckler, Ars Sacra. Kunst des frühen Mittelalt

Seite 597

351 Buschor 1958: E. Buschor (ed./vert.), Carmina Burana. Benediktbeurer Lieder, lateinisch und deutsch, Wiesbaden 1958 Byzance 1993: D. Albcouffe e.

Seite 598

352 Deutsche Literatur 2003: U. Montag (red.), Deutsche Literatur des Mittelalters. Handschriften aus dem Bestand der Bayerischen Staatsbibliothek Mü

Seite 599

353 Erdmann 1950-2: K. Erdmann, ‘Die universalgeschichtliche Stellung der sasanidischen Kunst’, Saeculum 1 (1950) 508-34 Eschenburg 1987: B. Eschenbu

Seite 600

354 Gamer 1969: H.M. Gamer, ‘Der ‘Ruodlieb’ und die Tradition’, in: K. Langosch (ed.), Mittellateini-sche Dichtung, Darmstadt 1969, 284-329 Ganzenmül

Seite 601

64 is het contrast tussen de verfijnde modellering van het gezicht en de robuustheid van de vlak weergegeven kroon erg groot. De troon De in zij-aa

Seite 602

355 Hauke 1991: H. Hauke, ‘Die Bedeutung der Säkularisation für die bayerischen Bibliotheken’, in Glanz und Ende 1991, 187-97 Haustein 1990: J. Haus

Seite 603

356 Irtenkauf 1956: W. Irtenkauf, ‘Das Seckauer Cantionarium vom Jahre 1345 (Hs. Graz 756), Archiv für Musikwissenschaft 13 (1956), 116-41 Irtenkauf

Seite 604 - eeuw

357 Klemm 1980: E. Klemm, Die romanischen Handschriften der Bayerischen Staatsbibliothek, 1: Die Bistümer Regensburg, Passau und Salzburg (Katalog de

Seite 605

358 Kuenringer 1981: Herwig Wolfram, Karl Brunner, Gottfried Stangler, Die Kuenringer. Das Werden des Landes Niederösterreich, Wenen 1981 (tent. Stif

Seite 606

359 Mâle 1922: E. Mâle, L‟art religieux du XIIe siècle en France, Paris 1922 Mâle 1972: E. Mâle, The Gothic Image. Religious art in France of the thi

Seite 607

360 Müller 1980: U. Müller, ‘Beobachtungen zu den ‘Carmina Burana’: 1. Eine Melodie zur Vaganten-Strophe - 2. Walthers ‘Palästina-Lied’ in ‘versoffen

Seite 608 - AFBEELDINGEN

361 Patch 1927: H.R. Patch, The goddess Fortuna in mediaeval literature, Cambridge, Mass. 1927 (1967) Pearsall/Salter 1965: D. Pearsall, E. Salter, L

Seite 609

362 Rome 1996: Vedere i Classici, red. M. Buonocore, tent.cat. Rome: Biblioteca Apostolica Vaticana, 1996 Rosenthal 1972: E. Rosenthal, The illuminat

Seite 610

363 Schmidt 1987: G. Schmidt, recensie van tent.cat. Regensburg 1987, in: Kunstchronik 40 (1987) 503-12 Schmidtke 1968: D. Schmidtke, Geistliche Tier

Seite 611

364 Spanke 1931b: H. Spanke, ‘Der Codex Buranus als Liederbuch’, Zeitschrift für Musikwissenschaft 13 (1931), 241-51 Spanke 1943: H. Spanke, recensie

Seite 612

65 verwoesting van Troje en is met een vloot onderweg naar Latium (om daar Rome te stichten), als hij schipbreuk lijdt voor de kust van Noord-Afrika

Seite 613

365 Tigler 1995: G. Tigler e.a., Le sculture esterne di San Marco, Milano 1995 Timmers 1978: J.J.M. Timmers, Christelijke symboliek en iconografie, H

Seite 614

366 Walworth 2000: J. Walworth, ‘Earthly Delights: the pictorial images of the Carmina Burana manuscript’, in: CB-essays 2000, 71-83 Warner 1912: G.

Seite 615

367 Zahlten 1979: J. Zahlten, Creatio mundi. Darstellungen der sechs Schöpfungstage und naturwissenschaftliches Weltbild im Mittelalter, Stuttgart 19

Seite 617

369 SUMMARY A SONG FOR EACH SEASON - PICTURING THE CARMINA BURANA This thesis focuses on the miniatures in the Codex Buranus, the manuscript which

Seite 618

370 the codex was found. It may be due to a last stroke of fortune that Carl Orff, the composer who made thr Carmina Burana world famous, was laid to

Seite 619

371 CURRICULUM VITAE Cornelia Johanna Maria (Lia) Couwenberg werd geboren op 20 april 1955 te Waalwijk. Na het behalen van haar M.M.S. diploma in 1

Seite 620

372 Copyright: C.J.M. Couwenberg, 2011

Seite 621

66 3. Het dramatische hoogtepunt van het verhaal vindt plaats in het centrum van het beeldvlak, voor een robuuste centrale vestingtoren met kantelen.

Seite 622

67 Compositie van de dubbel-afbeelding Het beeldverhaal van Dido en Aeneas is evenals het Lentelandschap in twee registers opgezet. De scheiding tuss

Seite 623

68 Dido’s zuster Anna draagt een groene mantel, een lichtgeel kleed en op het hoofd een Gebende, de hoofddracht van de vrouw van stand in de 13e eeuw

Seite 624 - IJST VAN AFBEELDINGEN

69 borstwering voor de vorstelijke loggia van Dido krijgt accent door donkergroene inkleuring. De openstaande torendeur rechts heeft groene arceringe

Seite 625

7 WOORD VOORAF Het werken aan dit proefschrift was een lang en eenzaam project, maar nu is het af! Dat zou nooit gelukt zijn zonder de morele, mat

Seite 626

70 De voorstelling Een goedgeklede jongeman biedt een lieftallig meisje bloemen aan. De schone jongeling reikt zijn beminde het boeket aan met de rec

Seite 627

71 Kleding en plooival Het meisje draagt een groen kleed met gedecoreerde sierboorden langs de ronde hals en aan de smalle mouwen, zowel rond de bov

Seite 628

72 liefdespaar op een bank, naar analogie van de spelers. Blijkbaar beschikte men over een toepasselijk en aantrekkelijk model van een staand liefdes

Seite 629

73 opgedeeld, met dezelfde achtergrondkleuren als de Fortuna-miniatuur. Het beeldvlak heeft een groen-blauwe omkadering, waarvan de blauwe binnenrand

Seite 630

74 plooien van het bovenlijf in een punt op hun middel en daarna in symmetrische lusplooien naar weerskanten opzij. Bij de linkse van de twee gaat de

Seite 631

75 Het spel Beide groepen spelen een spel met drie dobbelstenen, waarbij elke speler zijn eigen stenen gebruikt. De tafelbladen zijn omhooggeklapt z

Seite 632 - IBLIOGRAFIE

76 Het staande personeel Tussen de twee tafels zijn twee staande mannen rug-aan-rug afgebeeld, als een bijna symmetrisch paar. De linkse man richt zi

Seite 633

77 Lijst en kader De miniatuur heeft de gebruikelijke randlijst en groen-omkaderde blauwe achtergrond (met wit scheidingslijntje). De randlijst heeft

Seite 634

78 compositie van de afbeelding. De bovenlijn van de omlijsting valt samen met de laatste regel van de tekst erboven, de volgende lijn met de scheidi

Seite 635

79 schijfvormige speelstenen in twee kleuren: getekend met rood en met zwart. De linkse speler, die aan zet is, speelt met de rode partij, de rechtse

Seite 637

80 De kleding Beide spelers dragen een lange tuniek met een split van voren, siermanchetten en een sierrand rond de voorste bovenarm. De sierbanden

Seite 638

81 zoals onder het triktrakbord op de andere bladzijde, maar foutief en slordig met groen. Mogelijk is dit onderste gedeelte van deze laatste miniatu

Seite 639

82 houden beide voeten naar voren gericht. Met deze overeenkomende zithouding contrasteren de verschillen in houding en aanzicht van hun bovenste lic

Seite 640

83 op de kuit af in puntzakplooien afgesloten door een gladde vouwplooi. Het bovenstuk valt in symmetrische lusplooien over de gladde gordel. De bo

Seite 641

84 afbeelding een volledige bladzijde ter beschikking en hoefde geen rekening te houden met reeds aanwezige tekst. De miniaturen verschillen van elk

Seite 642

85 vooral goed te zien bij de weergave van de gezichten: vergelijk bijvoorbeeld de zachte modellering van het gezicht van Fortuna met de meer lineair

Seite 643

86 dichter bij haar traditionele figuurtype gebleven, al is wel haar mantel en de plooival van haar kleding ‘gemoderniseerd’. Als allegorische figuur

Seite 644 - Mann 1980:

87 met groen zijn aangezet, is opgebouwd uit elementen die terugkeren in de grote ‘composietboom’: de stengel met omkrullende palmetbladeren en rozet

Seite 645

88 Schumann zou h1 dan naast schrijver, corrector en rubricator ook de illuminator van de codex zijn geweest. Bischoff ging in zijn inleiding bij de

Seite 646

89 en bij de lettervormen met ingetekende gezichten (afb. 12). De letter V van Vere op fol. 63v is een ware composietvorm van diverse soorten ranken

Seite 647

9 INLEIDING ‘O Fortuna!’ Wie kent niet de Carmina Burana van Carl Orff (1937), een van de meest uitgevoerde muziekstukken ter wereld. Veel minder b

Seite 648

90 lijn, schematisch en eenvormig van opzet, hebben ronde gelaatstrekken en een grote neus. De meer verfijnde gezichten van de miniaturen zijn hoekig

Seite 649

91 De decoratieve ranken en gezichten zijn moeilijk te vergelijken met overeenkomstige motieven in de miniaturen door hun verschil in functie, formaa

Seite 650

92 onder Fortuna draagt een bescheiden rankenornament, maar is door zijn uitstekende positie wel vormbepalend voor de omlijsting van het beeldveld.18

Seite 651

93 kleed en afhangende gordelriem. Zij draagt het haar wel gevlochten en toont zonder mantel haar ranke meisjeslichaam. Een eeuw later is de figuurst

Seite 653

95 HOOFDSTUK DRIE DE RELATIE WOORD - BEELD IN DE CARMINA BURANA In dit deel van mijn proefschrift staat de plaats en functie van de miniaturen binn

Seite 654

96 De vier thematische afdelingen 1. De gedichten met moreel-satirische inhoud De eerste afdeling bestaat uit 55 gedichten met moreel-satirische i

Seite 655 - Bertold’s family: O Fortuna!

97 ieder geval verloren gegaan: het laatste deel van CB 92, het begin van het gewiste liefdeslied en het slot van CB 96 dat onderaan fol. 49v afbreek

Seite 656 - URRICULUM VITAE

98 Benediktbeurer Weihnachtsspiel (CB 227-228). Het Kerstspel CB 227, op fol. 99-104, wordt (na een lacune van 14 regels) gevolgd door het fragmentar

Seite 657

99 fulminante) sluiten inhoudelijk tevens aan bij de Rome- en hofkritiek van CB 187, 189, die oorspron-kelijk ook als één groep Rome-satires direct o

Kommentare zu diesen Handbüchern

Keine Kommentare